maandag 29 juni 2026

Ze noemden hem Zwachtel 4

 





Alain en Serge betraden het mortuarium waar Dr Duchéne hen stond op te wachten.
“Bonjour messieurs,” zei hij terwijl hij minzaam knikte. “Je suis fini avec le rapport de examen post mortem,” ze hij terwijl hij beide rechercheurs uitnodigde om bij hem aan de onderzoekstafel te komen staan. “Ik ben klaar met het rapport van het post mortem onderzoek. Kijken jullie maar even mee. Hij trok het laken weg waaronder het levenloze lichaam van Tatjana Kusters lag. De jonge vrouw lag op haar rug, haar hoofd ietsje naar links gedraaid en haar mond half open. Hij liet het witte laken op haar voeten rusten en trok meteen haar benen open. “Comme vous pouvez les voir, zoals jullie kunnen zien aan de vlekken rond haar intieme delen heeft deze demoiselle voor haar dood geslachtsgemeenschap gehad. Maar dat wil natuurlijk niet zeggen at er sprake is van verkrachting. De liezen zijn niet gescheurd of geforceerd, en er zijn ook geen inwendige scheurtjes te zien in de vagina. Dus kunnen we er gerust van uit gaan dat ze instemde met de geslachtsgemeenschap. Ook is er weinig sprake van druk op de ribbenkast of andere plaatsen van het bovenlichaam zoals dat wel vaker voorkomt bij verkrachting. Wel heeft ze meerdere slagen en schoppen te verwerken gekregen, alsook vond ik meerdere krabsporen over haar lichaam maar vooral in haar gezicht. Het zijn scherpe groeven dus ik vermoed dat het iemand was met scherpe nagels. De meeste mannen hebben geen scherpe nagels, dus ik vermoed dat diegene die haar krabte een vrouw was. Maar dat wil daarom niet zeggen dat zij haar gedood heeft. En kijk, zie je hier die halen in haar been. Dit is duidelijk toegebracht met een hoge hak.” Zei Dr Duchéne terwijl hij het linkerbeen van Tatjana lichtjes draaide.
Serge zat er maar ongemakkelijk bij. Alain had het in de gaten.
“Geen fraai zicht hé vriend, zo’n lijkschouwing. Maar dit hoort nu eenmaal bij het vak van rechercheur Serge. Het wordt echt hoog tijd dat gij eens wat meer van achter uw bureau komt mijn beste,” voegde Alain eraan toe.

Terug op het bureau bestudeerde Alain het rapport van de lijkschouwing, oftewel het post mortem onderzoek. Dan ging ineens de telefoon. “Met Alain Donck,” zei Alain met opgewekte stem. “Hoe zegt u? Hij vraagt naar een zekere Alex. Maar hij stond bij de caravan van Zwachtel.
Kijk, ik kom zo snel mogelijk want ik wil die jongen zo snel mogelijk spreken,” zei Alain terwijl hij rechtstond. Hij gaf Serge een por. “Kom vriend, werk aan de winkel. Er is bij de caravan iemand opgedoken die Zwachtel lijkt te kennen. Zijn echte naam zou Alex zijn.
Alex Van Bezien. En hij zou van Oostende afkomstig zijn.
Alain kwam aan bij het plaatselijke politiekantoor van Galmaarden. Daar zat een man op een bank. “Dag Hoofdinspecteur,” zei één van de inspecteurs. “Dit is de man die we bij de caravan aantroffen. Hij wilde de zegels doorbreken, maar we hebben hem meteen duidelijk gemaakt dat daar geen sprake van kon zijn. Hij zocht een zekere Alex en aan de beschrijving die hij gaf was het voor ons duidelijk dat hij naar die Zwachtel zocht.”
Alain aanhoorde het en bedankte de inspecteur. “Goeiedag meneer. Hoofdinspecteur ad interim Alain Donck van de Gerechtelijke Politie en dit is mijn collega Serge Hinnekindt. Wilt u even met ons meekomen?”
De jongeman stond op en ging mee met Alain en Serge die een afgezonderde ruimte ter beschikking kregen waar ze de jongeman konden verhoren.
“Bon, vooreerst willen we weten wat uw naam is?” vroeg Alain.
“Mijn naam is Rik Patteeuw, mor iedereen noemt mien Ricardo,” zei de langharige jonge kerel die gekleed was in een gebleekte jeansbroek, sjofel jeansvestje en een T-shirt van Humo met een cartoon van Kamagurka erop.
“Ik kwam’n me moat opzoeken. Ales. Mor toen zagen kik dat zien caravanne verzegeld was.
Es ’t er etwad met Alex gebeurd?”

“Dat weten we niet,” zei hij. “We hadden hem graag gesproken over een incident dat plaatsvond in het herenhuis dat eigendom was van de man die hem toelating gaf om op zijn grond in de caravan te verblijven.”
Edmond Hesters,” zei Ricardo.
“Precies,” zei Alain.
“Edmond heit vele gedoan voe Alex,” zei Ricardo. “En ’t es dankzij hem da ‘k weten woardat ie nu weunt.” Zei Ricardo.
Dan keek hij voor zich uit en slikte hij een paar keer.
“Alex was me kozen. En eigenlijk ook geweune me beste moat. We ghing’n tope na ’t schole van de bewoarschole tot de visscherieschole. We ghieng tope ghoan voaren en we dejen tope uuze legerdienst in Duutsland. En w’hein tope in e bandje gezeetn ook. “The Ugly Bastards,” e punkbandje woar da we Oostende en de Middenkust mee onveilig maakten. Optreden voe vuuvhoenderd frank en e bak bier, ken je dadde?”
“Nee, dat ken ik niet,” zei Alain. “Maar ga door.”
E joar of vuuve geleedn rakte Alex in kennisse met e meisje. E pronte koeketiene van e rieke familie. Carine Bertheloot, dochter van e volksvertegenwoordiger van de caloten. Stief katholiek en heel kleinburgerlijk, ‘k moeten ghin tekeningsje bie maken zeker? Mor Carientje was e betje rebels en dik tegen de goesting van eur voader hing ze liever roend tusschen geweune volkse gasten. ’t Liefst van ol visschers. Ek hein Alex nog gewoarschuwd. Lot er joen nie méé in, want d’er ghoat doar miserie van komn.
Mor ja, je wilde nie luustern hé.
Op e dag trok ie met dat joenk na ’t Fort Napoleon voe doar e potje te ghoan vrijen. En ie meer of je wier betrapt deure twee gendarmes te peird. En toen es ’t gebeurd. Dat joenk rukte eur los, liep na die gendarmes en riep ‘Il m’a violée! Ii m’a violée!
Je’hei mien verkracht!”


Dan werd het stil. Alain kreeg het ijskoud. Hij zag hoe Ricardo trilde op zijn benen en hij wist, dit is een jongen die voor zijn vriend opkomt.
“Alex werd meegenomen deure die gendarmes. Naakt. J’eit doar in de kazerne e ferme rammelinge gekreegn en daarna werd ie naakt naar de gevangenis overgebracht. Je mocht niemand zien en ’t heeft drie dagen geduurd eer ie contact mocht opnemen met zien advocaat. Intussen kreeg ie van zien eigen voader te horen dat ie nietend meer met hem te maken wilde hein. Iedereen liet Alex vallen. Iedereen.
Je was ol veroordeeld eer het proces nog moeste komn.
Intussen wisten ze ook in ’t gevang woarvoorn dat ie beschuldigd was. En op nen dag werd ie ingesloten deure  medegedetineerden en kreeg ie slagen. Eén van die gedetineerden had e grote glasscherf bie hem. En stak doarmee in ze linkerooghe. Sindsdien… “

Ricardo kreeg het moeilijk. Alain stond recht en klopte vaderlijk op zijn schouders.
"Alex werd verdedigd door Edmond Hesters en die had al snel door hoe de vork aan de steel zat. Hij ondervroeg Carine en stelde gerichte vragen, hij lokte haar letterlijk in de val. Ze moest wel bekennen. Daarna stak hij een vurig betoog af over hoe conservatisme ertoe leiden kan dat kinderen en dan vooral meisjes overgaan tot valse beschuldigingen om toch maar niet in ongenade te vallen bij hun ouders.
Alex werd vrijgesproken en Edmond besloot om zich over hem te ontfermen.
Sindsdien weunt ie en die caravanne. En probeert ie etwad van zijn leven te maken. Voor ’t leven getekend deure die lelijke zwachtel op zijn linkeroog en de naam en reputatie te hebben een ‘verkrachter’ te zijn.”

Ricardo zweeg weer een poos en ging dan verder.
“Alex wil graag schrijver worden. Hij liet mij een manuscript lezen, een verhaal. Ek zei dat ie dat moest uitbrengen en we zouden samen naar Antwerpen vertrekken om daar dat manuscript voor te leggen.”
“Ik heb genoeg gehoord,” zei Alain.

“Alex Van Bezien,” zei Alain toen hij zijn kantoor binnenstapte en meteen naar zijn dossierkast liep. Hij haalde er een map met krantenknipsels uit. “Hier, hele verslagen over deze zaak. Over deze schandalige gerechtelijke dwaling. En ondanks alle aantijgingen blijft dat stuk senator beweren dat zijn dochter verkracht is en beweert hij dat die advocaat leugens en listen gebruikte om zijn cliënt alsnog van alle blaam te zuiveren.
Hypocriet strontvolk,” sakkerde Alain.
“Maar goed. We weten nu wie die jongen was. Wat er met zijn oog gebeurde, waardoor hij met de bijnaam Zwachtel door het leven ging. Maar de vraag rest. Waar was hij de nacht dat Tatjana werd vermoord en in welke mate was hij daarbij  betrokken?
Dan riep hij zijn team samen voor een vergadering. “Goed, wat weten jullie intussen over die genaamde Zwachtel?” vroeg Alain aan Tony en Gilles, de jongens die hij opdracht gaf om de dorpelingen uit te horen over Zwachtel, met de bedoeling meer over hem te weten te komen?”
“Er deden geruchten de ronde,” zei Gilles. “Als zou hij te doen hebben gehad met de dochter van Edmond Hesters.”
“Caroline?” zei Alain terwijl hij over zijn kin wreef.
“Inderdaad,” zei Gilles. Er zijn dorpelingen die beweren dat ze haar ut het huis zagen sluipen waarna ze naar de caravan liep en hij haar binnenliep. Vaak had ze nauwelijks meer aan dan haar slaapkleedje.”
“Interessant,” zei Alain.
“Je moet weten dat ze toen nog maar zestien jaar was,” zei Tony. “Tuurlijk mocht vader daar niks van weten. Maar blijkbaar zorgde die ruige Zwachtel er wel voor dat de hormonen van de jonge Caroline op hol sloegen.
Ik heb zo het gevoel dat broer en zus Hesters zo hun geheimpjes hebben,” zei Alain. “Dat ze het één en ander verborgen houden voor ons.”
Dan ging de telefoon. “Met Alain Donck,” zei Alain nadat hij opnam.
“Ik kom zo meteen commissaris,” zei hij.
“Heren excuseer mij maar de commissaris laat mij roepen,” zei Alain waarna hij naar het bureau van de commissaris trok.

“Ik wil dat je verzegeling van het huis van wijlen Edmond Hesters onmiddellijk ongedaan maakt!"
zei de commissaris nadat Alain het kantoor binnenkwam en de deur achter zich toetrok.
“Waarom?” vroeg Alain.
“Omdat de nabestaanden het kotsbeu zijn om niet in het huis van hun vader te kunnen terwijl er daar nog veel opgeruimd moet worden.”
“Ja, dat begrijp ik,” zei Alain. “Ze willen zo snel mogelijk dat huis en de inboedel verkopen nietwaar. Zeker zoon Ludwig die nogal krapjes bij kas zit.”
“Dat zijn onze zaken niet,” zei de commissaris. “Hoofdprioriteit is nu dat jullie achter die genaamde ‘Zwachtel’ aangaan. Hij is de man die jullie moeten hebben. Hij heeft zich aan Tatjana vergrepen en haar daarna gewurgd. Dat is toch duidelijk.”
“U hebt het post mortem rapport blijkbaar niet goed gelezen commissaris.”
De commissaris zweeg even maar vervolgde dan. “Ik wil pas dat je verdere conclusies trekt nadat je die Zwachtel hebt verhoord, is dat duidelijk. En je laat Ludwig en Caroline Hesters voorlopig met rust. Dat zijn mensen met een vlekkeloze reputatie die zeer hoog aangeschreven staan. Ik tolereer niet dat jij deze mensen lastigvalt met verdachtmakingen waar geen enkel bewijs voor is.”
“Commissaris, nogmaals. Lees het post mortem rapport, en vooral. Lees het aandachtig.
Meer kan ik in deze niet zeggen.
Mag ik nu beschikken commissaris?”
“Eruit!” zei commissaris Van Oudheusden kortaf.
Toen Alain naar zijn kantoor terug wandelde kwam Serge op hem af. “Chef, er is een lichaam gevonden even buiten het dorp, op het landweggetje dat vertrekt bij Huize Rozenrood.
Het zou gaan om Zwachtel!”
“Godverdomme!” vloekte Alain binnensmonds terwijl hij zijn jas van de kapstok plukte.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten