dinsdag 31 december 2024

Het zit er weer op.

 



Dag lieve mensen.
Het is bijna zes uur, nog even en we mogen elkaar weer een gelukkig nieuwjaar wensen. In Bangkok en Hanoi (hoofdstad van Vietnam) zijn ze terwijl ik dit schrijf al aan het aftellen. Over een uur zijn het de Indiërs die elkaar drie natte kussen mogen geven. De Australiërs en Nieuw-Zeelanders… die zijn waarschijnlijk al zat.
Soit het jaar zit erop, en verdorie het was mij het jaartje wel.
Ik hoef het niet meer te vertellen wat ik het afgelopen jaar heb doorgemaakt. Ik ben blij dat ik er nog ben en dat ik jullie kan vertellen dat het intussen veel en veel beter met me gaat.
Ik voel me tiptop en ik slaagde erin om een sprintje te trekken tot thuis toen ik met de hondjes ging wandelen en mijn lieve schat me belde om me te zeggen dat ze bericht kreeg over een pakje dat was toegekomen. Zonder er verder bij na te denken liep ik die laatste honderd meter zo snel ik kon met twee keffende hondjes aan de leiband. Even rondkijken en ik zag het pakje bij de voordeur liggen. Missie geslaagd, het pakje was binnen. Maar het was pas toen ik boven was en het al uitpakte dat ik besefte dat ik iets deed wat ik vorig jaar echt niet had kunnen doen.

Ik wil maar zeggen.
Ik heb diep gezeten lieve mensen.
Rond deze tijd van het jaar was ik echt mezelf niet. Constant moe, vlug kortademig, sukkelde van de ene verkoudheid naar de andere, amper enige weerstand en ik had ook nogal snel koud. Meerdere keren naar de dokter geweest, van alles voorgeschreven. Tot hij zelf voorstelde om een afspraak te maken met een cardioloog omdat hij ‘hartruis’ hoorde. Dat deed ik dan ook meteen en daar kreeg ik de diagnose: Lekkende hartklep. Operatie is noodzakelijk.
De rest kennen jullie want ik heb het in deze blog dan ook uitvoerig beschreven en ook op Facebook konden jullie mijn toestand mee opvolgen.

Het was een zware operatie gevolgd door een lang herstel. Maar de liefde van mijn schat van een vrouwke en zeker ook de genegenheid en warmte van mijn twee superlieve hondjes hielp mij er door. En ook de steun van jullie allen lieve mensen.
Ook al steunden jullie mij vanop afstand. Het deed mij goed, echt wel.
Terwijl ik dit schrijf luister ik naar de Willy Duizend. Ja, dat is iets wat ik graag laat passeren, die heerlijke tijdloze rocknummers. Ik hou van een portie stevige gitaren op zijn tijd. Ik heb een brede muzieksmaak, maar ik heb wel één voorwaarde. Er moet minstens één gitaar in voorkomen.
Of je moet van goeden huize zijn zoals bijvoorbeeld Kraftwerk. Dan zie ik het nog door de vingers, we gaan nu ook weer niet te streng zijn.
Ik weet één ding. Tijd maken voor muziek, boeken, films, vrienden, goede gesprekken, je partner en dat ene wat daarbij komt kijken. DAT IS GEEN TIJDVERSPILLING!
En kennis vergaren en dingen bijleren is dat ook niet.

Weet ge.
Er is zoveel nuttige informatie en die ligt gewoon voor het grijpen. Informatie en kennis is nog nooit toegankelijk geweest als nu. Vroeger moest je naar de bibliotheek als je iets wilde opzoeken over éénder welk onderwerp. Je moest boeken doorploegen, pagina’s kopiëren of overschrijven en dat dan bijhouden. Wie van mijn generatie is en voor school een spreekbeurt moest houden die weet waarover ik nu praat.
Nu volstaat een simpele zoekopdracht gevolgd door een muisklik of twee, drie. En het blijft niet bij tekst alleen. Er zijn ook video’s en podcasts over alle mogelijke onderwerpen te vinden op het grote wereldwijde web.
De wereld van de podcasts is voor mij opengegaan tijdens mijn ziekenhuisverblijf en ja het was een verrijking en een verruiming. Voordien nam ik al eens de tijd om naar een interessante podcast te luisteren, maar toen ik in het ziekenhuis lag en de TV niet altijd beschikbaar was omdat je die andere persoon die naast je ligt ook wat moet gunnen. Ben ik via de smartphone podcasts gaan opzoeken en beluisteren. En daar zitten heel interessante dingen tussen.

Ja, ik ben zo’n saaie donder die uren kan luisteren naar de uiteenzetting van één of andere deskundige over zaken als artificiële intelligentie, bitcoins, geopolitiek, klimaatverandering, wetenschappelijk onderzoek of recente ontwikkelingen in de geneeskunde. En waarom ook niet?
Al dat geleuter op onze pretzenders boeit me hoe langer hoe minder? Zijn jullie die overdosis BV’s op elke TV zender niet beu? Ewel, IK WEL!
Er gaat geen dag voorbij of zo’n Herman Brusselmans, James Cook of Bokkie De Repper moet even zijn mening over van alles en nog wat door onze strot rammen of even melig gaan doen.
Als ik alleen thuis ben staat de TV amper nog op. Liever radio, een podcast of gewoon… STILTE!
Wordt ik nu oud? Of wordt de wereld rondom mij gewoon te druk? Wie zal het zeggen. Feit is dat ik van stilte heel hard kan genieten. Af en toe geen TV, radio of zelfs sociale media. Gewoon wat schrijven of wat rusten in de zetel met de hondjes erbij en de tijd traag zien passeren op de grote wandklok boven te TV. Ja ik vind dat zalig.



OK, vaak deden we het niet. Maar er werd het afgelopen jaar wel degelijk gewandeld!
En ja, ook daar heb ik met volle teugen van genoten.
De natuur schenkt mij rust en het deed na al die weken binnen zitten in een muf ziekenhuis echt deugt om de petrichor te ruiken, de zon op mijn huid te voelen en gewoon buiten te zijn. Ook al was het maar een korte wandeling met mijn twee kleine schatjes. Het deed goed, punt!
De zee horen of het geruis van de bladeren. Met mijn voeten door de gevallen bladeren lopen, het geluid van stromend water, de wolken zien voorbij drijven.
Ik beschouw die dingen als een luxe, een zegen. En weet je waarom?
OMDAT IK DANKBAAR BEN!
Dankbaar omdat ik er nog ben. Dankbaar omdat ik Vijftig jaar mocht worden. Mijn betreurde collega Paul mocht maar dertig jaar worden, en nee dat is echt geen leeftijd om te gaan.
Dankbaar omdat het goed met me gaat, dat ik nog kan werken, dat ik een inkomen heb en een goede relatie met mijn allerliefste Christiane. Dat ik nog kan en mag genieten van de capriolen van mijn lieve hondjes.
Ik stop even tussendoor met typen en kijk voor me uit. Wat ik daarnet schreef dringt nog harder tot me door. Het is inmiddels zeven uur, weer een uur voorbij. Ja ik neem mijn tijd om dit te schrijven. Nog vijf uur en we mogen elkaar drie dikke natte zoenen geven. Nog vijf uur en 2024 is het verleden, 2025 is de toekomst en wat de toekomst brengt weet niemand.
Eens mijn geliefde gedaan heeft met werken en ik haar met de auto ben gaan ophalen en eens we thuis zijn schenk ik twee coupeglaasjes in en genieten we van lekkere hapjes en vooral van elkaar.

En ik hoop dat jullie hetzelfde doen.
En ik wens jullie een gelukkig, voorspoedig, welvarend, hartverwarmend en vooral… GEZOND 2025

Het gelukzaligste moment van het afgelopen jaar.
Mijn twee lieve schatjes terug dicht bij me.


zondag 29 december 2024

Onverwachte dienst: slot.

 



Tweede Kerstdag.
Roos Demeyer stapte traag in de ziekenhuiskamer, gevolgd door haar dochter Chrissy.
Erik draaide moeizaam zijn hooofd. “Roos,” zei hij.
Roos zei niets en ging op de rand van het bed zitten. “Ge ziet er niet goed uit Erik,” zei ze.
“Ik weet het,” zei hij. “Een infectie op mijn hartkleppen en die krijgen ze niet onder controle. Net zwaardere antibiotica gekregen. Om van mijn andere gezondheidsproblemen nog maar te zwijgen. En ja die heb ik allemaal aan mezelf te denken. Ik heb mijn lever naar de kloten gezopen, mijn nieren zijn kapot van de pijnstillers die ik nam om de pijn in mijne rug te verdoven om nog maar te zwijgen van hoe ik mijn hart heb mismeesterd met mijn ongezonde levensstijl en mijn eindeloze vreten en zuipen.
Maar daar heb ik nog het minste spijt van Roos.”
Erik liet zijn hoofd wegzakken in het kussen en slaakte een diepe zucht.
“Roos, Chrissy. Het spijt me,” zei hij.
“Het spijt me Chrissy da ‘k uw kindertijd heb verkloot. Het spijt me Roos dat ik u, diegene die mij er bovenop hielp na de dood van mijn eerste echtgenote. Dat ik net u ongelukkig maakte en tot wanhoop dreef.
Ik moet er geen doekskes om winden, ik was ne smeerlap. En als ge mij niet kunt vergeven, bwaja. Dan sterf ik maar eenzaam en ga ik het graf in met een hart verteert van spijt en zware schuldgevoelens. Ik heb het toch allemaal aan mijn eigen te danken.”
“Nee Erik, nee!” zei Roos.
“Ik had hier ook schuld aan.
Gij deed voor mij zoveel, maar het was nooit genoeg. Ik wilde dure kleren, luxe reisjes, het beste en het duurste voor Chrissy, terwijl die daar nooit om vroeg. Die was content met een ouwe jeansbroek en versleten T-shirt om mee te ravotten met haar vriendjes, allemaal jongens.
Dat ge uw colère op mij uitwerkte, daar ben ik niet kwaad om en ben ik ook nooit geweest. Maar hoe ge uitvloog tegen Chrissy, dat maakte mij razend. En het is voor haar dat ik van u weggegaan ben. Met pijn in het hart Erik.
Met pijn in het hart!
Want ik trok mij op aan uw liefde, ook toen onze relatie in een onvermijdelijk dieptepunt was geraakt. Ook toen kon ik me optrekken aan uw lieve woorden, uw knuffels, het samen vrijen.”
Roos keek Erik aan.
“Laten we opnieuw beginnen Erik.
“Nee,” zei Erik. “Dit verdien ik nu ook weer niet Roos.”
“Erik, ik sta erop,” zei Roos.
“Want ondanks mijn woede en mijn teleurstelling. Kon ik u nooit vergeten.
Chrissy wilde u nooit meer zien nee. Maar ik hunkerde naar u. Gij waart en zijt nog altijd veel meer dan zomaar ‘mijn man’. En altijd heb ik gehoopt dat ge zou inzien dat ge fout waart.
En ik heb altijd gezegd dat als dat ooit moest gebeuren, dat ik de spons over alles zou vieren en opnieuw beginnen.
Wel lieve Erik… DAT MOMENT IS NU GEKOMEN!”



Oudejaarsavond. De antibiotica sloeg aan en Eriks toestand verbeterde. Hij mocht naar huis, maar moest nog wel antibioticapillen slikken en hij moest elke maand op controle komen bij de cardioloog. Maar hij voelde zich beter dan ooit en kreeg weer hoop in het leven. 
Ze zaten aan tafel in de prachtige loft waar Erik woonde. Roos, Chrissy, Claudia en ook Pedro en zijn echtgenote. Erik had een traiteur laten komen, maar vroeg voor zichzelf een zoutarme en licht verteerbare maaltijd en op één iemand na was hij de enige die geen alcohol dronk. Die iemand is Claudia. “Waarom drink je niet,” vroeg hij. “Je bent de eregast meisje, jij hebt mij en Roos terug samengebracht.”
“Ik ben geheelonthouder,” zei Claudia. De enige keer dat ik alcohol dronk in zeer lange tijd was toen Chrissy mij een beker Champagne aanbood op kerstavond. Ik dronk ervan omdat ik wilde dat ze zou zien dat ik even hard verliefd was op haar als zij op mij.”
Bij die woorden keek Claudia Chrissy met een heel warme en liefdevolle blik aan.
Chrissy voelde het week worden in haar hart, en vooral wanneer Claudia een klein doosje in inpakpapier uithaalde. “Chrissy, ik heb een cadeau voor u. Doe maar open.”
“Wat is dat?” vroeg Chrissy verbaasd. Met trillende handen maakte ze het open. Er zat een doosje in en in dat doosje zat een prachtige gouden ring bezet met een mooie diamant.
“Oh hoe graaf is dat,” zei ze. “Waaraan heb ik dat verdient.”
“Chrissy, ik weet het. Het is nogal snel. Maar dat komt omdat ik radicaal een streep wil zetten onder mijn verleden. Daarom vraag ik vanuit het diepste van mijn hart.
WILDE GIJ MET MIJN TROUWEN SCHATJE,”
Chrissy begon te huilen van pure en diepe ontroering.
Claudia sloot haar teder in de armen en woelde zacht door haar haren.
“Claudia, ik heb zo hard naar u gehunkerd, denkende dat het nooit wat zou worden tussen ons, zelfs geen flirt of one night stand.
Maar dan vraagt gij mij dit. Wat moet ik hierop zeggen.”
“Liefje, ik begrijp dat je er nog niet klaar voor bent. Maar ik ben wel klaar voor u en voor een heel nieuw leven.”
Dan gaf Chrissy Claudia een lange vurige doch tedere kus. Terwijl de tranen over haar wangen bleven stromen.
“Ik zal voor altijd de uwe zijn lieve schat,” zei ze.
Nog voor het nagerecht trokken Claudia en Chrissy zich terug op hun kamer waar ze die nieuwjaarsnacht zouden blijven slapen. Terwijl buiten in de stad het vuurwerk met veel lawaai losbarstte en Erik en Roos en Pedro en zijn echtgenote Sandra het glas heften. Waren Claudia en Chrissy elkaar passioneel aan het kussen, naakt tussen de lakens van een heerlijk zacht en luxueus waterbed.
Toen het vuurwerk verstomde en de passie bedaarde keek Chrissy Claudia in de ogen.
“Gelukkige Nieuwjaar VROUW VAN MIJN LEVEN!” zei ze met een diepe zucht.

zaterdag 28 december 2024

Onverwachte dienst 3



Enkele uren later.
Claudia haar shift zat erop. Ze liep naar de omkleedruimte en knoopte haar vest los en trok haar T-shirt uit. Tegelijk hield ze de deur in de gaten. Ook haar witte broek trok ze uit, ze had nu alleen nog haar BH en slip aan. De deur ging open en Chrissy kwam binnen. Ze had de fles Champagne bij en twee plastieken bekertjes en liep meteen op Claudia af. “Daar zit ge, we gingen er toch eerst eentje kraken,” zei Chrissy.
“Kan hier toch ook,” zei Claudia terwijl ze heupwiegend naar Chrissy toestapte en voor haar ging staan. “Waarom hier?” vroeg Chrissy terwijl ze de bekers aan Claudia gaf en de fles opende.
Claudia likte haar bovenlip af terwijl Chrissy de bekertjes één voor één vulde. Dan zette ze de fles op de grond en nam er ééntje in ontvangst. Terwijl beide jonge vrouwen proosten keek Claudia Chrissy recht in de ogen. Dan zette ze haar beker op een plateau van het rek achter haar en maakte haar BH los. Dan nam ze ook het  bekertje van Chrissy af, greep naar haar handen en legde deze op haar borsten en  knoopte ze Chrissy haar vest los.
“Ik dacht dat gij hetero waart,” zei Chrissy terwijl ze Claudia’s aankeek.
Claudia sloeg met een diepe zucht haar armen rond Chrissy’s hals en drukte haar lippen op die van Chrissy. Er volgde een korte maar heftige kus. “Dat was gelogen,” zei Claudia terwijl ze Chrissy haar topje omhoogtrok en haar buik streelde.

Kerstdag, laat in de middag.
Claudia en Chrissy lagen op het bed in Chrissy haar slaapkamer. Het donsdeken bedekte hun naakte lichamen. Chrissy lag op haar rug en Claudia lag in haar armen en liet haar hoofd rusten op Chrissy’s borst. Chrissy liet haar kin rusten tegen Claudia’s hoofd en woelde zacht door haar donkerblonde haren. Claudia slaakte een diepe gelukzalige zucht. Op het nachtkastje rechts van het bed stond een grote magnumfles Champagne en twee glazen. Geen plastieken bekertjes maar mooie kristallen glazen coupes. En op de grond lag een bord met een restje pizzakorst. De TV stond aan maar er was alleen zwart beeld te zien. Buiten was het grauw en begon het te schemeren, er stond een koude wind die voelbaar was tot binnen, ook al stond de verwarming aan.
“Was dit wat je wilde liefje?” vroeg Chrissy met zachte tederheid in haar stem terwijl ze Claudia’s schouders masseerde.
“Ja,” zei Claudia terwijl ze zich rechtte. “Al van mijn dertiende fantaseer ik hierover. Ja ik val ook voor jongens, en ja ik had als tiener meerdere jongens gehad. Je mag het weten hoor, ik was er graag bij als die jongens een voorstel deden. Maar stiekem fantaseerde ik over meisjes. Maar ik hield dat zoveel mogelijk voor mezelf>.
“Waarom? Is toch geen schande.”
“Kweenie,” zei Claudia. “Eén keer heb ik eens met een volslagen onbekende meid op de dansvloer staan flirten. Fuck, ik was geil als boter en ja ze wilde meer. Toch ben ik weggegaan en fietste ik naar huis. Ik had niet geslapen die nacht, ik sloeg de hand aan mezelf, telkens weer en telkens weer.”
“Claudia, het is de éénentwintigste eeuw. Het is toch geen schande meer om er voor uit te komen dat je iets voor vrouwen voelt, toch?” merkte Chrissy op.
“Mijn ouders zijn zeer conservatief en staan absoluut niet open voor zulke dingen. Zelfs zonder dat is het maar beter dat ze nooit te weten komen wat ik achter hun rug allemaal uitvrat.
Ik ben opgegroeid met ‘wat zullen de mensen zeggen’? Ik moest hard studeren en dan nadien nog meehelpen in de zaak, want mijn ouders wilden geen luiaards onder hun dak. Ik moest er piekfijn uitzien, deftig gekleed zijn en op elk vlak de schone schijn ophouden. En nee, ik mocht niet omgaan met wie ik wilde. Mijn ouders zouden mij graag getrouwd zien, liefst met een jongen of man met ambitie, iemand die vooruit wil komen in het leven.  En daarom hoopte ik dat er ooit meer zou zijn tussen mij en Freek.”
“Hoop… te?” merkte Chrissy op.
Claudia slaakte opnieuw een diepe zucht.
“Chrissy, liefje.
Mijn leven was fake.
Ik leefde om anderen te plezieren. Om bij iedereen op een goed blaadje te staan.
Mijn ouders, de directie, de hoofdverpleegkundige en alle anderen die enige invloed op mijn leven hadden. Ik had een prettige jeugd, kwam niks tekort. Ik had veel vriendinnen en genoot met volle teugen van wat het leven te bieden had. Maar mijn ouders waren heel veeleisend en brachten mij bij dat je niks voor niks krijgt in het leven. Met een zes of zeven waren ze niet tevreden. Het moest minstens een acht of een negen zijn. Tachtig of negentig procent. En altijd moesten mijn punten beter zijn dan in het vorige rapport. En daarom bestond mijn leven al snel uit werken, studeren, studentenjobs, flexijobs, nog meer werken, extra dagen, overuren.
Toen ge zij ‘durf toch eens te leven’, dat maakte iets in mij los. Net zoals uw geflirt iets in mij losmaakte.
Ik speelde al eerder met het idee om in te gaan op uw avances. En weet je wat liefje…
IK HEB ER GEEN ENKELE SPIJT VAN!”
Weer sloeg Claudia haar armen rond Chrissy en kuste ze haar. Chrissy draaide Claudia en begon haar te zoenen in haar hals, over haar schouders, borsten, buik en zo steeds dieper. Weer laaide de passie op. In alle heftigheid. Weer ging er een uur voorbij.
Dan wanneer beide vrouwen die alsmaar meer naar elkaar toegroeiden weer uitgeteld in elkaars armen lagen keek Claudia Chrissy opnieuw aan.

“Ik heb die brief gelezen,” zei ze terwijl ze de brief van het nachtkastje plukte waar ze die stiekem had gelegd.
“Claudia nee, begin niet!” zei Chrissy.
“Chrissy liefje,” zei Claudia terwijl ze de brief op het hoofdkussen legde en zacht Chrissy’s wangen streelde. “Ik heb uw verhaal gehoord, ik heb Erik zijn verhaal gehoord. En ja, ik begrijp dat je boos bent, dat het moeilijk voor je is om hem te vergeven. En dat geld ook voor je moeder.
Maar wil je wat weten liefje?
Ik was een slet.
Tot mijn achttiende was ik meisje zoals alle anderen. Ik ging naar school, ik ging werken na de schooluren en ik studeerde hard. Af en toe had ik een vriendje de ene keer iemand waar ik mee kon thuiskomen, de andere keer was het beter dat ik het voor mezelf hield.
Maar toen ging ik studeren en zat ik op kot. In een stad waar niemand mij kende en waar ik lekker mijn zin kon doen. Ik trok op met en ging op zoek naar jongens en had elke week een ander vriendje die mij meenam naar zijn kot of ik naar het mijne. Studentenclubs, fuiven, kotfeestjes en dergelijke interesseerden mij niet. Ik ging soms wel eens naar een debatavond of zo. Maar het liefst ging ik gewoon lekker op jacht. Maar ik deed veel meer dan dat.
Ik hoorde van een café waar van alles gebeurde, een café met een bedenkelijke reputatie. Moesten mijn ouders weten dat ik dergelijk café bezocht, het kot was te klein geweest. Ik werd er al snel de hoofdattractie.
“Café ’t Hoekske,” zei Chrissy. Ging je daar naartoe?”
Claudia knikte. “Kent ge dat?”
“Ik heb ook hogeschool gedaan hoor, ja ook in Gent. Ik ben er nooit binnen geweest – ik mag er niet aan denken, brrr – maar daar is het een naam als een klok. En ja, er zou daar op een bepaald moment een ‘Gang-bang Queen’ geweest zijn. Een jonge meid die zich liet neuken op de biljarttafel. Twee mannelijke kotgenoten waren er geweest en volgens wat die vertelden was dat een hete.”
“En wat vind ge zelf?” vroeg Claudia schalks.
“Waarde gij dat?” vroeg Chrissy.
“Had je dat verwacht van mij?” vroeg Claudia.
“Nee, totaal niet! Waarom deed je dat?”
Claudia slikte en zweeg even.
“Omdat ik niet bevredigd raakte.
Mijn lichaam smachtte naar seks, ik wilde vrijen, ik wilde klaarkomen.
Ik wilde…
Ik heb vele gasten gehad. Ze mochten me nemen in alle mogelijke standjes.
One night stands, gangbangs, seksfeestjes. Ik deed het allemaal. Maar toch bleef ik op mijn honger zitten. Omdat hetgeen wat ik echt wilde, waar ik echt naar verlangde. Niet durfde.
Stel je voor, ‘Claudia is een pot, die is voor de wijven’.
Keus had ik genoeg hoor. Maar ik wees ze altijd af en koos voor een gast. Ik koos voor de zoveelste geilaard die eens op mij wilde kruipen.
Met de jaren ben ik kalmer geworden op dat vlak. Ik ben beginnen fitnessen en haalde daar veel voldoening uit. En hiken natuurlijk. Liefst van al op mijn eentje. Met mijn rugzak de natuur in. Alleen ik en de dieren, de herten en reeën, de fazanten, de konijntjes die wegvluchten als ik op een mistige ochtend mijn tent openrits. Maar desondanks bleef en blijft dat één iets nog altijd aan me knagen, en het afgelopen jaar werd het heftiger dan ooit.”

Claudia keek Chrissy nog dieper en indringender aan.
“Gij hebt iets in mij losgemaakt Chrissy,” zei Claudia.
“Gij durft uitkomen voor wie ge zijt en waar ge voor staat. Gij durft uw mening zeggen. Gij durft nee zeggen en uw oversten tegenspreken. Ik niet.
Ik werd opgevoed met doen wat er u gevraagd wordt, uzelf niet nodeloos in moeilijkheden brengen, werken voor uw kost en geen schrik hebben voor extra uren te kloppen.
Chrissy, ge hebt mij de dag van mijn leven bezorgd. Ik heb van u genoten tot in de diepste vezel van mijn lichaam. Ik heb veel sekspartners gehad, maar die hebben mij nooit kunnen geven wat gij mij gegeven hebt. Al die gasten gaven mij seks, lieten mij klaarkomen. Bij u ervaarde ik… Liefde.
Gij houdt van mij hé,” zei Claudia terwijl ze Chrissy’s buik streelde.
“Oh lieve Claudia,” zei Chrissy met een zucht terwijl ze door haar donkerblonde haren woelde.
“Weet ge,” zei Claudia. “ik heb met mijn liederlijke gedrag mijn reputatie verknoeid, heb mij teveel en te lang gegeven aan foute gasten. Gasten die mijn liefde en mijn lichaam gewoon niet waard waren.
En ja, daar heb ik spijt van,” zei Claudia met een snik in haar stem. Een traan rolde over haar wangen.
Maar, ik ben nog maar 25 jaar. Ik heb nog een heel leven voor me. Het is nog niet te laat voor mij om het roer om te gooien. En dat wil ik doen ook. En als het even kan met u aan mijn zijde.
Maar Erik. Die heeft die kans niet meer!
Zijn parameters zijn slecht. Zijn hart is zwak, zijn nieren laten het afweten, zijn lever heeft ie compleet kapot gezopen. En hij vergaat van de spijt. Want hij kan het roer niet meer omgooien.
Het enige wat hem rest is sterven met een hele hoop schuldgevoelens.
En dat wil ik niet.
Ik heb de kans om het verleden achter te laten.
Ik wil dat hij die kans ook krijgt.
Lees die brief Chrissy, en denk er even over na. Ik ga nu naar huis en van daaruit vertrek ik naar mijn ouders, want ik heb nog een gemist kerstfeestje goed te maken.
Doe mij een lol en denk na over wat ik van je wil vragen.”
Dan na een lange zoen kroop Claudia uit bed en trok ze haar kleren aan.
Nog diezelfde avond zat ze op de trein naar Oostende.


vrijdag 27 december 2024

Onverwachte dienst 2

 




Claudia sloot de deur en liep naar de voorraadkamer om er alle voorraden te controleren. Een taak die de verpleegkundigen van de nachtdienst op zich moesten nemen. Daar zag ze Chrissy die daar blijkbaar mee begonnen was. Ze stapte op Claudia af en legde haar handen op Claudia’s schouders. “Ik zien u geire,” zei Chrissy terwijl ze Claudia wat dichter trok.
“Ik heb u ook graag maar ik ben wel hetero hé,” zei Claudia.
Chrissy keek Claudia recht in de ogen. “Zijt eerlijk met uzelf Claudia,” zei ze. “Denk dat gij meer bi gevoelens hebt dan dat ge zelf beseft.”
“Chrissy, ik weet dat gij een crush op mij hebt. Maar neemt gij uw wensen niet teveel voor werkelijkheid.”
“Zijt eerlijk met uzelf Claudia!” herhaalde Chrissy. “Denkt ge dat ik dat niet zie dat als ik binnenkom en gij zijt u aan het omkleden dat ge u altijd naar mij draait voor ge uw T-shirt aantrekt of uw witte vest dichtknoopt? Ge weet dat ik lesbisch ben, maar toch wilt ge dat ik naar uw borsten kijk. En die ene keer twee weken geleden dat uw BH ineens loskwam en haast van uw armen viel. Het deerde u niet hé dat ik uw borsten in volle glorie zag.”
Claudia duwde Chrissy van zich af en zette een stap achteruit. “Zeg die Erik Masschelein, kent gij die?” vroeg ze ineens en vooral om de aandacht af te leiden.
“Ik zou niet weten waarvan?” zei Chrissy die door de vraag verrast werd.
Dan haalde Claudia de brief van Erik uit haar binnenzak. “Hij zei dat ik die brief aan u moest geven. Ik vroeg hem waarom hij het vorige week niet zelf deed, en hij zei dat hij daarvoor zijn redenen had.
Misschien is hij u vader en weet ge dat nog niet.”
“Ik heb geen vader meer, mijn vader is dood.” zei Chrissy bars terwijl ze de enveloppe uit Claudia’s handen rukte en meteen in de vuilbak wierp.
“Wil je niet weten wat er in die brief staat?” vroeg Claudia.
“Nee, ik wil het niet weten! Ik ken die vent niet en negen op de tien keer heeft die gast gewoon een crush op mij zoals zoveel patiënten.”
“Kom, waarom zou ie dat bij jou doen en niet bij mij. Ik ben vijf jaar jonger en ook sla… Allez ja snapt ge?”
“Claudia, ge moest eens weten hoeveel venten geilen op mollige vrouwen,” zei Chrissy. “Jammer genoeg voor hen zijn ze bij mij aan het verkeerde adres. Er komt geen vent aan mijn lijf zolang ik leef! Goed geweten!”
“Chrissy, wat is er gebeurd tussen u en uw vader?” vroeg Claudia nu in alle ernst.
“Ik heb geen vader!” zei Chrissy. “Heb het juist gezegd.”
“Mijn vader is dood!”
“Chrissy luister efkes. Die Erik Masschelein die ken ik. Allez ja, het is te zeggen. Mijn ouders runden tot voor kort een bloeiende groothandel in delicatessen en we leverden aan restaurants over de hele provincie en ver daarbuiten. En Erik Masschelein was één van hun beste klanten.
Door het feit dat er buiten hem geen andere patiënt is op zijn kamer heb ik de gelegenheid gehad om tijdens de verzorging openhartig met hem te kunnen praten. En dit kan ik je wel zeggen. Erik is geen freak die op ‘mollige vrouwen’ geilt en hen dan briefjes stuurt. Dat is een hele warme mens die heel hard gewerkt heeft en nu met zware gezondheidsproblemen kampt en spijt heeft dat hij niet meer tijd heeft doorgebracht met zijn familie. En hij heeft ook spijt van zijn gebroken huwelijk. Van het feit dat hij zijn echtgenote liet zitten voor een andere veel jongere vrouw.”
“Oh ja, is dat zo?” sneerde Chrissy. “Jeez Claudia zijt gij zo goedgelovig ja?
Erik Masschelein was een tiran en een bullebak. Tegen zijn personeel, tegen zijn echtgenote en tegen mij. Roepen, tieren, schelden, met dingen gooien… SLAAN!
Vooral als hem gezopen had.  
Terwijl moeder de klanten buitenliet, de rekeningen maakte, de bestellingen opmaakte en doorgaf en tussendoor hielp met het opkuisen van de keuken, zat Meneerke Masschelein in de voorraadkelder  te vossen met Charlene één van de serveersters.
Er kon maar één iemand goed doen voor hem, en dat was Pedro zijn zoon. Net zo’n eikel als zijn pa. Ik daarentegen was alleen maar goed voor de vuile werkskes. Aardappelen schillen, frieten snijden, afwassen, de was doen, de servetten plooien en vooral om op mijn kop te krijgen en uitgescholden te worden. De lelijkste dingen eerst. ‘Vette zeug, sloerie, geit, lomp varken!’ eindeloos was het.”

Chrissy schudde het hoofd, tranen liepen over haar wangen.
“Mijn vader is dood. Hij stierf toen ik vijf was. Auto ongeluk gehad, lag maanden in coma.
“Mama werkte in Het Lorkenbos, het restaurant van Erik die toen net gescheiden was van zijn eerste echtgenote. Hij begon met haar aan te pappen en algauw trok ze bij hem in. Ze trouwden en ze werd ‘meewerkende echtgenote’. In het begin was hij een goede vader en echtgenoot. Het restaurant sloot twee dagen in de week en twee keer per jaar was het voor twee weken gesloten, dan gingen we op reis of deden we gewoon leuke dingen.
Maar met de jaren veranderde alles. Hij werd alsmaar hardvochtiger, ineens was het restaurant maar één dag per week gesloten en maar één week over het hele jaar. “Het is dat of we staan op straat,” zei hij. Het restaurant werd uitgebreid met een zaal voor feesten en banketten en
het enige wat nog telde was werken, werken, werken.
Nu ja, voor ons maar niet voor hem. Erik schoof graag aan tafel bij zijn klanten, en dan kwam de fles op tafel natuurlijk. Whisky, cognac, pousse cafétje hier, pousse cafétje daar. Maar ook tijdens de dienst werd er stevig gezopen natuurlijk. Ofwel vroeg hij moeder om het uur om een pint bier, ofwel zette hij een fles wijn bij het fornuis waar hij dan met gulzige teugen van dronk. En hoe zatter hij werd hoe agressiever en onhandelbaarder.
Eens mama van hem weg was bloeide ik weer helemaal open. Ja, ik had schrik van die vent. Ik haatte hem en ik haat hem nu nog altijd. Ik was aan de grond genageld toen ik zijn naam hoorde tijdens de overdracht. Hij zag mijn tatoeages, weet ge wat hij zij? “Ik wist wel dat gij een pot zijt.” Tuurlijk deed ik of hij het niet hoorde, maar echt hé! Ik had zin om een spuit met alleen lucht erin in zijn aderen te spuiten.”
“Chrissy, ge beseft toch dat ge dik in de shit zat moest ge dat hebben gedaan en dat komt uit!”
Chrissy slikte. “Ik haat die gast Claudia,” zei ze met een snik in haar stem.
“Echt waar, ik haat die gast tot in het diepste van mijn ziel. En nee, hij moet niet vragen om vergiffenis. Ik spring nog lieven van het dak zonder zeveren.”
Dan liep Claudia naar de vuilnisemmer en haalde de enveloppe eruit. “Ik wil weten wat er in die brief staat,” zei ze vastberaden.
“Ik begrijp dat ge kwaad zijn. Maar ik wil graag zijn kant van het verhaal weten.”
“Doe wat ge niet laten kunt,” zei Chrissy terwijl ze de voorraadkamer verliet en de kar voor het nemen van de parameters voor zich uitduwde.
Claudia liep terug naar de keuken, daar zette ze zich neer en plooide de brief open. Ze las het volgende.

“Dag Chrissy.
Ik weet, je bent kwaad. Razend zelfs.
Vanaf je me herkende zag ik de withete woede in je ogen. Je haat me, zoveel is wel duidelijk.
En dat begrijp ik maar al te goed.
Ik heb u en uw moeder veel kwaad gedaan, veel verdriet aangedaan.
Ik was een eikel. Ik was een tiran. Ik zoop meer dan goed voor me was en daar betaal ik nu een prijs voor. Ik herstel van een zware hartoperatie met complicaties. Mijn lever is naar de kloten, mijn nieren zijn het aan het begeven en ik kan amper nog op mijn benen staan. Zonder rolstoel kan ik mij niet meer verplaatsen.
Mijn dagen zijn geteld, deze kerst is mijn laatste. Daarover moet ik mij geen illusies maken.
Ik zou graag nu het nog kan, mijn diepe spijt betuigen over wat ik u en uw moeder heb aangedaan. We hadden het goed samen, je moeder had een gunstige invloed op mijn leven. Voor haar wilde ik minder hard werken en ik deed wat voordien nooit in mij opkwam omdat ik het nooit had gekend. Ik sloot twee keer per jaar en een dag extra in de week. Dit tegen de zin van mijn boekhouder en van mensen die geld in mijn restaurant staken. Mensen die mij voorstellen deden die ik niet kon weigeren. Die mij geld beloofden, geld dat mij de ogen uitstak. Mensen met wie ik veel te veel en veel te lang in de drank zat terwijl uw moeder en het personeel zich uit de naad werkten om alles terug proper te krijgen.
Ik heb mijn leven, mijn gezondheid en mijn huwelijk naar de kloten geholpen voor een stel stuivers, mooie cadeaus en een dikke bak. Ik ging veel te hoge leningen aan voor het uitbreiden van mijn restaurant om dan vast te stellen dat ik gewoon lelijk in het zak gezet was. Ik bedroog je moeder met Charlene met wie ik hertrouwde nadat je mama en ik gescheiden waren. Zij was het die mij finaal pluimde en had Pedro de zaak niet overgenomen dan had de deurwaarder al lang heel den boel aangeslagen.
Mijn geweten knaagt en het knaagt zo hard dat ik er niet meer van slaap, dat ik amper nog eet en de wil om te leven volledig weg is. Ik zou je willen vragen om deze brief ook aan je moeder te tonen.
Lieve Roos. Ik was fout. Fout op alle vlakken.
Ik heb je als een vod behandeld, ik heb je bedrogen en laten zakken.
Ik besefte te weinig welk goeds je voor me deed.
Ik had nog maar net mijn echtgenote verloren, jij je man. De papa van Chrissy.
Dat schepte een band, een hechte band. We trouwden en ik wilde alles anders doen. Ik heb zelfs op het punt gestaan om mijn restaurant te verkopen en iets anders te gaan doen. Zodat ik meer thuis zou zijn met u en met Chrissy. Maar ja, geld, status en aanzien wonnen het van de rede.
Ik liet me overreden door vrienden, door valse vrienden. Door die lui die hier elke avond zaten en waaraan jij je dood ergerde. Lui van wie jij al wist at het valse vrienden waren.
Ik had moeten luisteren. Ik had je raad moeten opvolgen. Minder drinken en op mijn voeding letten.
Maar ik was te koppig, te weerbarstig, te egoïstisch.
Ik weet dat het heel moeilijk is, wat ik nu van je vraag. Maar laat me alstublieft in vrede sterven.
EN SCHENK MIJ VERGIFFENIS!

Het spijt me.
Erik.

Onverwachte dienst.

 




24 december
Drukte in de stad, mensen op cadeautjesjacht.
Grauwe lucht, kou en die indruk alsof het elk moment kunnen gaan sneeuwen, ondanks het feit dat de weerman zei dat het dit jaar een groene kerst wordt.
Het verkeer was hectisch, auto’s parkeerden dubbel en chauffeurs stapten haastig uit om nog snel dat ene bestelde kerstcadeau, of die maaltijd van de traiteur op te halen. Kinderen amuseerden zich op de schaatspiste en bij de kraampjes van de kerstmarkt zaten mensen zich te verwarmen aan een glühwein of jenever. Intussen begon het ook al te schemeren.
Een fietsster baande zich een weg door deze chaos. Een jonge vrouw warm ingeduffeld en met een knalrode ronde muts met witte ponpon op het hoofd.
Het was Claudia Kesteloot, 25 jaar, verpleegster van beroep en werkzaam op de dienst Interne Geneeskunde van het Stedelijk Ziekenhuis. Normaal zou ze met kerstavond vrij zijn waar ze ook expliciet om had gevraagd. En zou ze nu op de trein richting Oostende moeten zitten om de kerstdagen door te brengen op het appartement van haar ouders in Westende. Maar vroeg in de ochtend kreeg ze telefoon van Dieter de hoofdverpleegkundige met de vraag – eigenlijk smeekbede – om toch te komen werken omdat er weer zoveel waren uitgevallen. Na een korte en pittige discussie besefte Claudia dat ze geen andere keuze had dan toch maar toe te geven en te gaan werken. Maar diep van binnen was ze boos, zeg maar razend.
Ach, de ware reden waarom ze niet weigerde was haar brandende ambitie om op te klimmen en ooit hoofdverpleegkundige te worden. En haar boosheid was vooral gericht tegen haar collega’s en hun laksheid. Als het schoon weer is zijn er die zich ziek melden. Is het bijna weekend zijn er die zich ziek melden en hebben ze een shift die hen niet zint melden ze zich ook ziek. Nu moest ze de nacht doen, op kerstavond. Maar aan de andere kant dacht ze ‘nachtdienst en dat op een feestdag, da’s dubbel betaald. Mooi meegenomen voor haar andere plannen in het leven.
Claudia remde en stapte af en opende met haar badge de deur van de overdekte fietsstalling om daar dan haar fiets te stallen. Ze trok haar muts van haar hoofd en schudde met haar lange donkerblonde lokken. Een ijzige wind blies in haar gezicht. Dan stond ze even stil en haalde ze een paar keer diep adem, ze snoof de vrieslucht op en hé. Is dat geen fijne korrelsneeuw op haar dikke donkerblauwe jas die ze aanhad?

Dan liep ze naar binnen, meldde zich aan op de prikklok en nam dan de lift naar de vijfde verdieping waar haar afdeling zich bevond. Ze begroette haar collega’s met een korte ‘dag’ en liep dan naar de ruimte waar zich de lockers bevonden waar ze haar kleren instopte. Met haar witte broek al aan en boven alleen haar BH staarde ze strak voor zich uit. Ze opende haar smartphone en las haastig de nog binnengekomen berichten, waaronder van haar broer die met een niet mis te verstane opmerking zijn teleurstelling liet blijken over het feit dat ze vanavond niet kon komen. “Ach stik!” zei ze terwijl ze haar gsm in de locker gooide. Net op dat moment kwam Chrissy de omkleedkamer binnen. “Hi Claudia,” zei ze. ‘Hebben ze u ook opgeroepen?” vroeg ze licht verbaasd.
“Ja, en er was geen ompraten aan,” zei ze terwijl ze haar Witte T-shirt aantrok en daarna haar witte jas dichtknoopte. “Echt hé, de mentaliteit van sommigen hier,” siste ze tussen haar tanden.
“Hey trek het u niet aan meid,” zei Chrissy. “We gaan er samen een toffe avond van maken. Hey, tegen niemand zeggen hé, maar ik heb een fleske bubbels mee,” zei Chrissy schalks.

Claudia zat in de verpleegpost waar over enkele minuten de overdracht zou beginnen waarna ze aan haar nachtdienst zou beginnen. Tegenover haar zat Chrissy die zo’n vijf jaar ouder was als Claudia en met wie ze het heel goed vinden kon. Chrissy is lesbisch en komt daar ook voor uit en Claudia had al snel door dat Chrissy een oogje op haar had, en tuurlijk was het geen toeval dat Chrissy altijd binnenkwam als Claudia zich aan het omkleden was. Ach, Claudia weet ook wel dat ze best gezien mag worden met haar lange golvende donkerblonde haren, haar slanke figuur, licht vooruitstekende ronde borsten en strakke kont. Ze bracht ook uren in de fitness door om fit, slank en vooral strak te blijven. Ze leeft gezond, doet aan sport en ze trekt er graag op uit om te gaan hiken in de Ardennen of één maar per jaar in de Franse of Zwitserse Alpen. Claudia is single en wil dat graag zo houden want ze leeft vooral voor haar werk. Maar als ze zin heeft in een stevige pot seks doet ze beroep op Freek haar ‘fuckbuddy’ die tot vorig jaar werkzaam was als verpleger op de kinderafdeling waar ze hem leerde kennen toen ze daar stage liep. Maar stiekem hoopte ze op meer, en dan vooral omdat Freek zich intussen had bijgeschoold en werkte hij als assistent van Dr Keldermans, hoofd van de dienst radiologie en tevens voorzitter van de artsenraad van het ziekenhuis. Een man bij wie ze zeker op een goed blaadje moest staan, want ze wilde echt wel hogerop komen in het leven.
Ook nu viel het Claudia op dat Chrissy het flirten niet kon laten. Ze streek met haar duim over haar lippen en glimlachte. Haar helblauwe ogen fonkelden en straalden. Haar andere hand ging ongemerkt over haar volle en best grote borsten. Chrissy is een losbol en een fuifnummer. Voor sporten en fitnessen past ze, maar tegen een stevig feestje met veel drank zegt ze geen nee. Ook over haar overgewicht maakt ze zich geen zorgen, ook al proberen Claudia en ook hoofdverpleger Dieter haar voorzichtig erop te wijzen dat ze echt wel iets aan haar gewicht zou moeten doen. Maar Chrissy blijft Oost-Indisch doof en blijft kiezen voor frituurkost, pita, sloten bier en wilde seks. Maar als verpleegster is ze een toonbeeld van professionaliteit en ze doet haar werk met hart en ziel wat maakt dat Claudia het goed met haar kan vinden.

Het was laat in de nacht en er waren weinig bellen die afgingen. Claudia werkte alle gegevens bij op de computer en zag vanuit een ooghoek hoe Chrissy regelmatig naar haar lonkte Ze had het door maar liet niets merken. Eigenlijk vond ze het stiekem wel spannend, het idee dat een vrouw haar opwindend vindt. Chrissy schreef van alles in een map en ordende de papieren. Tegelijk schudde ze met haar vuurrood geverfde haren. Chrissy is een vurige militante voor LGTBQI+ en steekt dat niet onder stoelen of banken. Op haar arm heeft ze een tatoeage, twee symbolen voor het vrouwelijke geslacht. Die moeten duidelijk maken dat ze lesbisch en dat ze daar fier op is ook. Normaal gezien mogen verpleegkundigen geen zichtbare tatoeages hebben, maar toch kan Chrissy het niet laten om ervoor te zorgen dat deze tattoo niet onopgemerkt blijft. Ze stroopt haar mouwen op en knoopt twee knopjes van haar jas los. Daaronder draagt ze een topje met diepe decolleté. Dan staat ze recht en loopt ze heupwiegend naar de keuken waar ze haar fles met bubbels in de frigo had gelegd. “Wat denkt ge?” zegt ze. “Fleske kraken.”
“Chrissy, als dat uitkomt krijgen we allebei een sanctie hé,” zei Claudia. “We zijn wel nog altijd aan het werk hé.”
“So what?” zei Chrissy. “Het is verdomme kerstavond, dan mag dat toch wel eens nekeer zeker. We gaan ons ook niet zat zuipen hé. Gewoon nekeer klinken op kerstavond. En op onze vriendschap.” Bij die woorden zette ze de fles uit de tafel en twee bekers. Weer keek ze flirterig naar Claudia, nu zelfs duidelijker dan ooit. “Gij zijt een knap wijf weet ge dat,”
Claudia zuchtte. “Chrissy ik ben hetero, en nee ik ga nu niet drinken.”
Chrissy stond voor Claudia en legde haar grote potige handen op Claudia haar schouders.
“Gij kunt toch ook serieus het seutje uithangen, weet ge dat?” zei ze. “Ey, durft toch eens te leven zeg. Of hebt ge schrik dat ge door een sanctie de kans om hogerop te komen zou verspelen? Komt eens uit uw schulp meid. Ge zijt vijf jaar jonger als ik, en als ik u hoor klappen zoudt ge dat echt niet zegen ze.”
Werken en carrière maken kunt ge later nog. Geniet nu nekeer gewoon van uw jeugd en uw jonge jaren,” zei Chrissy terwijl ze op Claudia haar schoot ging zitten en haar recht in de ogen keek.
Ze sloeg haar armen rond Claudia haar hals en streelde haar rug.
“Wij gaan er een toffe avond van maken, gij en ik,” zei Chrissy. Wij gaan een bekertje champagne drinken – ik had liever een coupke maar dat hebben we hier niet – en klinken op het leven.”
“Kijk, straks na onze dienst.” Zei Claudia. “Dan ga ik er eentje drinken, voor we naar huis gaan. Maar niet eerder. OK?”

Dan ging er een bel, Claudia ging meteen kijken. Ze liep met stevige tred door de gangen tot bij de kamer waar een licht brandde.
Ze opende de deur: “Wie heeft er ge… “ maar dan besefte ze dat er maar één patiënt in de kamer lag. Ze liep naar hem toe. Het was Erik Masschelein, een 65 jarige chef kok die al een poosje in het ziekenhuis lag. Hij werd in het UZ van Gent geopereerd maar vanwege complicaties in de vorm van een infectie leek het de dokters beter dat hij in een ziekenhuis verder zou worden opgevolgd. Men koos voor een ziekenhuis in zijn eigen streek.
Erik is chef kok en tevens eigenaar van een zeer gekende sterrenzaak in de stad, maar zijn voorliefde van rijkelijke maaltijden, sloten wijn en vooral de afzakkertjes na elke late maaltijd maakten dat zijn hart het hard te verduren kreeg. Gelukkig voor hem hield zijn equipe en vooral zijn zoon Pedro de boel draaiende.
Erik lag versuft in zijn bed. “Zuster, ik voel mij niet goed. Ik denk dat mijn einde ge…. “
“Ge zijt een beetje suf van de antibiotica en andere medicijnen Meneer Masschelein,” zei Claudia. “Dat is niks om u zorgen over te maken. U wordt hier opgevolgd en naargelang uw toestand zijn uw parameters best in orde.”
“Ach zuster,” zei Erik. “Stop toch met een mens blaasjes wijs te maken. Ik voel toch ook maar wat ik voel. Ik ben kortademig, ik kan mezelf amper wakker houden. Ik krijg mezelf amper recht en bij momenten hoest ik de ziel uit mijn lijf.
En ge zou iets moeten doen voor mij.”
“Wat dan?” vroeg Claudia.
Erik schoof de lade van zijn kastje open en haalde er een brief uit.
Uw collega die hier werkt die Chrissy. Ge zoudt haar die brief moeten geven.”
“Waarom deed u het niet zelf, ze had hier vorige week nachtdienst op deze kant van de afdeling.”
Erik schudde het hoofd. “Daar heb ik mijn redenen voor,” zei hij.
“Ok, ik zal doen wat u van mij verlangt,” zei Claudia. “Probeer nu wat te rusten en zet die sombere gedachten uit uw hoofd. Dat ge kortademig en flauw zijt is heel normaal als je herstelt van zo’n zware operatie.
Erik knikte en draaide zijn hoofd naar Claudia’s richting. “Merci,” zei hij terwijl hij probeerde te glimlachen. “Graag gedaan,” zei Claudia.

zaterdag 14 december 2024

Leren van het leven.

 


Dag lieve mensen.
Ik maak mezelf meer en meer bedenkingen over het leven die vroeger toch iets anders waren. Vooral dan over de kwaliteit van het leven.
Ik wil geen honderd jaar worden, ik wil geen hoge leeftijd bereiken en tegelijk de laatste jaren van mijn leven wegkwijnen in een rusthuis. Ik wil geen oude dag die gepaard gaat met pijn, sukkelen, aftakeling en isolatie. Ik werd geboren zonder dat iemand mij vroeg of ik dat een goed idee vond en ook als ik doodga gaat niemand mij komen vragen of dat voor mij Ok is? En dat geldt voor iedereen. Laat ons er dan ook naar streven om die korte tijd daartussen zo kwalitatief mogelijk te laten verlopen. En dat zowel op vlak van gezondheid, maar ook wat uitdagingen betreft.
Het leven is pas echt boeiend als je regelmatig eens wat uitgedaagd wordt, of als je af en toe eens jezelf uitdaagt.
Leer nieuwe dingen, leer bij, lees boeken, kijk naar films, luister naar muziek. Doe indrukken op, trek de natuur in, vier de liefde, vrij met je zoetje. Doe die dingen. Doe de dingen waar je van geniet, en leer weer intens en met heel je hart en ziel te genieten. Maak je niet zo druk om kleine ergernissen, roddel niet en sluit je oren voor de roddels die over u vertelt worden. Mijdt ruzie en tweedracht, maar laat ook niet over je lopen. Kies zorgvuldig de mensen met wie je omgaat en laat valse, gemene, achterbakse en gevoelloze mensen links liggen. Je bent geen therapeut, je bent geen mensenfluisteraar. Richt je op het positieve, op dingen die een meerwaarde bieden aan je leven.

Zoals gezegd: Niemand heeft je iets gevraagd voor je geboren werd. Daar was het eerste waar ik moest aan denken na het lezen van alweer een artikel over een volslagen marginaal en normloos koppel dat hun door mishandeling gestorven kindje lustig meenam toen ze gingen winkelen en godbetert op café gingen (ze hadden hun alcoholroes nodig). Toen ik las wat de oorzaak is van de veel te vroege dood van dat ongelukkige kleine meisje kreeg ik het moeilijk. Toen die nieuwe vriend van haar moeder erbij kwam veranderde het leven van het kleine wichtje in een ware hel. Bij de lijkschouwing bleek dat haar beide armpjes en beentjes gebroken waren en haar bekken verbrijzeld.
**SLIK**

Speel maar fijn in de hemel kleine Isabella.

Lieve kleine Isabella.
Met je guitige blauwe oogjes en die lieve glimlach op je snoetje.
Wat een gruwel heb jij moeten doorstaan klein meisje.
Welke helse pijnen moet je niet hebben gehad in je veel te korte leven.
Ik kan hier met mijn klein verstand niet bij dat omwille van de doorgeschoten waanzin van een zogezegd ’’’volwassene’’’’ je tijdens je veel te korte leven door een hel moet gaan en dingen moest meemaken die zelfs de sterkste mens zouden doen breken.
En helaas, er zijn nog vele kindjes zoals jij die dag in dag uit de vreselijkste gruwel moeten ondergaan. Speurders die de vele video’s met kinderporno onderzochten die werden gevonden op de computer van Sven Pichal omschreven wat ze zagen als ‘kinderen van nul tot zestien jaar die huilden, tierden, schreeuwden en riepen om hun moeder’. In Palestina worden jonge kinderen kapot gebombardeerd en zelfs kinderen werden afgevoerd naar de martelkamers en ‘menselijke slachthuizen’ van de crapuleuze ex-dictator Assad.
Geen enkele van die kinderen heeft erom gevraagd om in een hel op Aarde geboren te worden. Geen enkel kind heeft erom gevraagd om tijdens hun veel te korte leven niets anders te kennen dan pijn, ellende en pure horror.

De achturige werkdag.
Verhoogde de levenskwaliteit van velen.

Net zoals geen enkel mensen erom gevraagd heeft om te leven in armoede. Om ziekte, pijn of honger te hebben.
Geen enkel gewetensvol ouderpaar heeft erom gevraagd om hun kind, hun eigen vlees en bloed te zien sterven aan één of andere vreselijke ziekte, of na een ongeval, al dan niet veroorzaakt door een onverantwoordelijke of straalbezopen bestuurder.
Daarom, laten we er elk op onze eigen manier, en volgens onze eigen draagkracht en vermogen er mee voor zorgen dat het leven voor elke mens, voor elk kind en bij uitbreiding voor elk dier, wat draaglijker wordt.
Laten we eens wat vaker stilstaan bij de impact die onze beslissingen en onze daden hebben op onze medemens, de dieren en onze planeet. Een impact die vaak groter is dan wij zelf denken. En waar wij veel te weinig bij stilstaan.
En ik weet, ik klink nu gelijk één of andere groene pastoor. Maar ergens hebben deze mensen toch gelijk vind ik. Want hoe je het ook draait of keert, wat opbrengt voor de ene is miserie voor een ander. De één zijn dood is de ander zijn brood. Dat is helaas de harde realiteit. Voor ons vers kopje koffie, onze chocoladereep, onze bananen, onze TV, onze Smartphone, onze auto, onze etc. Moeten mensen ver van hier werken in erbarmelijke omstandigheden. Op plantages en velden, in fabrieken zonder de meest elementaire arbeidsrechten, op containerschepen en zelfs de vrachtwagenchauffeurs op onze wegen zijn gewoon slaven. Slaven van de weg.
Denk daar eens aan als je gaat shoppen of gezellig online zit te winkelen met je laptop, tablet of smartphone op je schoot of in de hand, voor de warme stoof met een kopje koffie of thee binnen handbereik. Denk aan die pakjeskoeriers die onder tijdsdruk alles geleverd MOETEN krijgen en die vaak met dagcontracten werken waar je gewoon niets mee opbouwt van sociale rechten. Vraag jezelf af of je zelf in zo’n situatie wil zitten? Of als je het leuk zou vinden als je eigen zoon of dochter zo moest door het leven gaan. Elke ouder wil het beste voor zijn kinderen, toch?



De gedachte dat levenskwaliteit niet voor eenieder is weggelegd. De gedachte dat veel mensen een miserabel leven leiden vol pijn, verdriet en uitzichtloos. Maar ook de gedachte dat veel mensen hun leven letterlijk vergooien aan alcohol, drugs, gokken of gewoon slechte voeding of te weinig beweging. Het bezorgd mij een ongemakkelijk gevoel.
Zelf prijs ik mij gelukkig vanwege het feit dat mijn levenskwaliteit veel en veel beter is dan tot voor mijn operatie in maart van dit jaar. Ik heb geen pijn of aanslepende vermoeidheid meer, ik voel mij vitaal en gezond. En ja dat heeft invloed op mijn humeur en mijn welbehagen.
En ik wenste dat meer mensen dat gevoel zouden hebben. Dat meer mensen de hoop zouden krijgen dat het beter wordt, dat er een uitweg is. Elke mens verdient een kwaliteitsvol en zinvol leven.
Want laat je niets wijsmaken. Je hebt maar één leven!
En nee je leeft niet ‘maar één keer’. Je gaat maar een keer dood! Je leeft daarentegen elke dag!
Maak dan ook van elke dag het beste. Geef je,smiet joen’ zouden ze in West-Vlaanderen zeggen.
En probeer om een goede indruk te maken op de mensen om je heen. Zorg ervoor dat wanneer je er niet meer bent, de mensen met een glimlach op hun lippen aan u terugdenken.
Want dan leef je nog verder na je dood…

Denk ik.



maandag 2 december 2024

Digitaal pauzeren.




Dag lieve mensen.
Hoeveel tijd besteed u aan sociale media? Hoeveel tijd zat u op uw smartphone vandaag?
En dan de belangrijkste vraag. Vraagt u zich niet af of u die tijd niet beter aan iets anders had besteed? Aan lezen bijvoorbeeld? Of aan creatief bezig zijn? Aan je partner of je familie?
Ik ga eerlijk zijn.
Ik denk dat steeds vaker.
Ik opende eens in mijn instellingen op mijn smartphone de rubriek Digitaal welzijn en ouderlijk toezicht. En toen ik zag hoeveel tijd ik aan mijn telefoon besteedde schrok ik toch wel even. En dan vooral van de tijd die ik op sociale media vertoef.



Laten we eerlijk zijn.
Facebook, Instagram, X (het vroegere Twitter), Tiktok, Youtube.
Daar kruipt toch veel tijd in hé.
En vraag jezelf eens af of hetgeen je zag echt de moeite waard was om te bekijken, om te lezen, om te volgen? En vooral…
Let er eens op hoeveel – al dan niet verdoken – reclame tussen al die berichtjes zit.
Het valt mij steeds vaker op. Voor één of twee updates van mijn vrienden en contacten scroll ik telkens tussen een hoop pushberichten, verkapte advertenties en ‘misschien vindt je dit wel interessant’ onzin. En als je op één iets klikt omdat het iets is wat je al dan niet interessant vindt of omdat het je aandacht trekt. Dan krijg je de hele tijd niets anders dan andere pushberichten te zien over hetzelfde onderwerp.

Laten we het gewoon onder ogen zien. Sociale media is gewoon wat het is.
Een zoveelste manier om mensen reclame en advertenties op te dringen en letterlijk door de strot te rammen. Platte commerce die zijn gelijke niet kent.
Maar het ergste is dat ze omwille van die reclame, omwille van die advertenties die hen een meer dan flinke stuiver opbrengen… ONZE PRIVACY TE GRABBEL GOOIEN!
Herinner je je dat schandaal rond Cambridge Analytica nog? Klik anders eens op de naam, het is een link naar een artikel uit De Standaard hierover. Het Wikipedia artikel over deze zaak heb ik ook gepost.. Dat bedrijf gebruikte de persoonlijke gegevens van de Facebookgebruikers om ermee de publieke opinie te manipuleren ten voordele van het campagneteam van Donald Trump. De organisatie achter Facebook versjacherde uw en mijn gebruikersgegevens aan dat bedrijf dat hiermee de publieke opinie manipuleerde. En dat is op zich al erg.
Maar wat erger is – en ja hier uit ik ook een flinke vlaag zelfkritiek – is hoe lauw wij reageerden.
Wij bleven gewoon op Facebook zitten, wetende dat onze privacy door dat bedrijf te grabbel wordt gegooid. Wij bleven en blijven nog steeds van alles posten, of delen of  bekijken. En daarmee laten wij kleine digitale voetafdrukjes achter. Klein, maar omdat wij zo massaal veel tijd op sociale media besteden zijn er dat heel veel. Denk aan het spreekwoord ‘vele kleintjes maken één groot’.




Sociale media beïnvloed de publieke opinie, het beïnvloed ons denken. En dat niet altijd in positieve zin. Het versterkt negatieve gevoelens zoals onbehagen, ontevredenheid, onbegrip, onzekerheid, jaloezie of zelfs haat. Mensen doen zich op sociale media ook graag anders voor dan ze echt zijn. Je ziet vaak alleen de mooie dingen. De verre reizen, de gezellige etentjes, de terrasjes, de nieuwe auto of het mooie interieur. Het kleinburgerlijke ‘elkaar de loef afsteken met luxe en weelde’ valt op sociale media nog meer op dan in het echte leven. En het is er de reden voor waarom mensen zich depressief of zelfs uitgesloten voelen. Heb je geen mooi lichaam om op Instagram te showen, heb je geen geld voor verre reizen of een nieuwe auto. Dan hoor je er niet bij. Sociale media vreet aan uw zelfbeeld en vooral jongeren zijn hier heel gevoelig voor. Hun zelfbeeld vormt immers hun IDENTITEIT!
Sociale media zitten ook vol venijn: Roddels, leugens, nepberichten tot zelfs ‘fake news’ gaan er rond als een lopend vuurtje en velen die er rondhangen in de commentaarsecties van kranten en andere nieuwsmedia werpen zich op als zelfverklaarde alwetende experts die denken slimmer te zijn dan die mensen die zich hun hele carrière lang verdiepen in deze of gene materie, waar jarenlange studies aan vooraf gegaan zijn.
Dat soort dingen voeden de IGNORANTIE! En ik beschouw ignorantie als het grootste kwaad en grootste gevaar voor onze samenleving. Iets niet weten is geen schande. Iets NIET WILLEN WETEN is dat wel.
Doof en blind blijven voor zaken als klimaatverandering terwijl de gevolgen ervan alsmaar zichtbaarder worden is echt geen goed idee. En alles afdoen als een groot complot nog veel minder. Is het eigenlijk niet heel gemakkelijk om te zeggen ‘zie je wel het is een complot, het is niet waar, we hoeven helemaal niets te doen’. Of om te zeggen ‘we moeten op onze voeding letten, minder vlees eten en geen alcohol meer drinken omdat ge het risico loopt op kanker. Maar intussen spuiten ze wel vergif op ons eten en sproeien ze chemicaliën boven ons hoofd vanuit vliegtuigen. Waarom praten ze ons een schuldgevoel aan voor zaken waar zij de oorzaak van zijn’?
Vraag jezelf af: Is het niet een beetje TE gemakkelijk om zulke dingen als excuus in te roepen om niet te hoeven nadenken over de manier waarop wij allen leven?
Onze manier van leven is nefast voor onze gezondheid en voor het leefmilieu. Voor ons dagelijks lapje vlees sterven niet alleen vele honderdduizenden dieren een vreselijke dood. Het vraagt ook alsmaar meer grond om de gewassen te telen die deze dieren eten. Grond die niet meer kan ingezet worden voor het telen van gewassen voor MENSEN! En om aan die stijgende behoefte te voldoen worden de laatste restjes woeste natuur en dan vooral onze regenwouden opgeofferd. Om maar te zwijgen over hoe de zee leeggevist wordt en de Aarde van haar grondstoffen wordt beroofd om onze consumptiehonger te stillen. Er zweven tienduizenden vliegtuigen in de lucht en er rijden miljoenen auto’s en vrachtwagens rond, om over de vele zeeschepen die massa’s vieze rook uitbraken nog maar te zwijgen. En zo gaat het al bijna tweehonderd jaar.
Als je denkt dat dit allemaal zonder gevolgen zal blijven voor ons mensen en onze omgeving.
DENK DAN NOG EEN KEER HEEL GOED NA!

Dat laatste is misschien nog hetgeen waar ik het meest bezorgd om ben.
Door al die overvloed aan prikkels in de vorm van meldingen, pushberichten en updates die ons altijd maar afleiden en ons zelfs aanzetten om te gaan multitasken oftewel meerdere dingen tegelijk te doen. Zijn wij het aan het afleren om LANG EN DIEP NA TE DENKEN!
Onze aandachtboog wordt alsmaar korter en we raken in de war van lange teksten. Op sommige websites staat er bij de artikels zelfs een ‘leestijd’ vermeld.
Mensen slagen er amper nog in om zonder fouten te schrijven en de leesvaardigheid van de jeugd gaat er zienderogen op achteruit. En eigenlijk geldt dat voor alle vaardigheden die onze leerkrachten hen aanleren. De kwaliteit van het onderwijs daalt en eigenlijk is dat heel slecht nieuws. Er zijn nu al tekenen dat het gemiddelde IQ van de mensen heel traag maar zeker achteruit gaat.



Weet je.
Ik ben gehecht aan mijn hersenen.
Klinkt misschien een beetje raar, maar het is zo. Onze brein dat is zo’n fantastisch ding. Het doet ons nadenken, het controleert onze bewegingen en zelfs onze hartslag en ademhaling. Het is de opslagplaats van ons geheugen en van onze herinneringen.
En daarom wil ik mijn brein in ere houden. Ooit schreef ik toen ik een profiel aanmaakte op een datingsite onder de vraag ‘wie of wat ik graag zou zijn’ het antwoord ‘een wijze mens’.
En daar sta ik nog altijd achter.
Want zelfs als je hersenen trager gaan werken en je niet meer zo snel leert als vroeger omdat je hersencapaciteiten afnemen. Dan nog kan je nog altijd groeien in wijsheid. Meer nog, het loont zelfs om op latere leeftijd nieuwe dingen aan te leren zoals een muziekinstrument leren spelen of een vreemde taal leren. Dat zijn trouwens zaken die ervoor zorgen dat je hersenen nieuwe verbindingen aanmaken en het vertraagt het ouderdomsproces en het remt degeneratieve ziekten zoals dementie en alzheimer af. Stel je voor dat je zo het moment dat deze vreselijke ziekten je hersenen en verstandelijke vermogens gaan aantasten kan uitstellen of vertragen. Dat kan toch alleen maar positief zijn. Voorkomen kan je niet, degeneratie van het brein hoort bij het ouder worden en de ene mens is er helaas vatbaarder voor dan de andere. Maar de wetenschap leert ons hoe we dat kunnen tegengaan. Maar je moet er wel iets voor doen.

Alleen al daarom las ik voor mezelf een – wat ze noemen – digitale detox in.
Met andere woorden: Ik ga digitaal pauzeren.
Ik ga minder actief zijn op Facebook en andere sociale media en die tijd die ik daarmee uitspaar en in plaats daarvan ga ik het internet gebruiken waarvoor het oorspronkelijk diende. Het opzoeken van nuttige informatie die als het even kan relevant is voor mij en voor mijn leven. Informatie over gezond leven, over beter kunnen schrijven, over  ja… Over van alles.
Het internet was trouwens bedoelt voor het uitwisselen van dat soort informatie en dan vooral voor het uitwisselen van onderlinge bevindingen van academici en wetenschappers.
En er zijn zoveel zaken te vinden op het internet die je leven echt verbeteren. Tools voor budgetbeheer, calorimeters, BMI meters, het opstellen van gezonde menu’s voor wie iets aan zijn voeding wil doen of die kilo’s wil kwijt geraken. Of voor wie zuiniger wil leven.
Of je kan het internet en ook sociale media gebruiken om dat soort zaken met andere te delen.
En als ik iets te melden heb dan doe ik het hier, via mijn blog. 

Maar dat hersenloze scrollen en daarmee mijn tijd te verliezen. Dat ga ik mezelf nu toch een beetje AFLEREN!


donderdag 14 november 2024

Terug het bos in.



Dag lieve mensen.
Het is eindelijk nog eens gelukt. We zijn nog eens gaan wandelen.
Het doel van onze wandeling vandaag was het Bosleerpad van het Domein Bulskampveld in Beernem.
Iets na de middag gespte ik de hondjes vast achterin de auto en checkte ik of mijn rubberen laarzen nog achterin de koffer lagen, en ja die waren er nog. Daarna reden we richting Beernem over de E40. De parking lag niet van de afrit even voorbij het gekende Psychiatrisch Centrum Sint Amandus. Daar trok ik mijn laarzen en lieten we ons autootje achter. Ik rook de heerlijke geuren van gevallen herfstbladeren en zag de prachtige okerkleuren en ik kreeg er warempel kippenvel van.
Het Domein Bulskampveld is een prachtig bos dat deel uitmaakt van de groene rand rond Brugge. Prachtige bossen heb je rond de eeuwenoude stad met zijn machtige werelderfgoed. En het loont echt de moeite om als je daar bent je eens buiten de stadsmuren te wagen en daar eens op verkenning te gaan. Domein Bulskampveld, Het Tillegembos, Doeverenbos, Vloethemveld. Het zijn stuk voor stuk prachtige pareltjes van machtig mooi natuurschoon.

De Aanwijsputten.
Niet toegankelijk, maar mooi zicht vanuit
de uitkijktoren. 

Het deed goed om nog eens in de natuur te zijn. Een reisje naar mijn geliefde Ardennen zit er dit jaar niet meer in, maar gewoon naar één van de prachtige bossen te gaan die onze provincie echt wel heeft, maakt veel goed. West-Vlaanderen is de bos armste provincie, maar de bossen die er zijn worden zeer goed onderhouden en zijn meer dan een bezoekje waard.
De rust, de stilte, de geur van gevallen bladeren en te kijken op de bladeren die op dat moment aan het vallen zijn. De vele paddenstoelen, de beukennootjes, de eikels, de kastanjes. Heerlijk toch.
En natuurlijk mochten onze lieve hondjes mee. Wat waren ze blij dat ze nog eens konden wandelen en zelfs even loslopen. Er was toch amper volk en ze blijven altijd heel dicht bij ons. Behalve als er ééns eentje blijft snuffelen, om dan in galop terug naar ons toe te lopen.
Ja ik weet dat honden eigenlijk aan de leiband moeten. En als we iemand zien komen en zeker als die een hond bij heeft dan maken we ze meteen vast en als we ze roepen komen ze meestal direct naar ons toe.
Nu zijn ze – terwijl ik dit schrijf – zo zalig moe, die kleine lieve schatjes. En ze waren ook weer zo heerlijk vuil. Bij thuiskomst heeft mijn lieve schat ze even onder de douche gestoken om ze wat af te spoelen. En nu liggen ze heerlijk te soezen, eentje in de zetel en op ons bed, waar ze even afgezonderd van alles en iedereen bekomt van de vele indrukken. Je moet dit een hondje gunnen, ook diertjes hebben het af en toe nodig om even op zichzelf te zijn.

Vliegenzwam.
Toch echt wel de mooiste en meest merkwaardige 
paddenstoel. 

Dit gaan we zeker meer doen. Want als er één iets wat ik heel hard heb gemist het afgelopen jaar dan zijn het wel die heerlijke boswandelingen. OK, de winter staat voor de deur en dan is de natuur vooral kaal en grijs. Geen bladeren aan de bomen, grauwe luchten en veel dieren houden hun winterslaap of rust. Maar toch vind ik dat de winter ook zijn charme heeft. Zeker als het buiten lekker koud is en er wat rijp op het gras ligt en je die heerlijke vrieslucht kan opsnuiven. Laat het maar eens goed vriezen dat er een laagje ijs op de plassen en waterlopen licht. Sneeuw hoeft niet perse, want dan is het toch maar gevaarlijk om te rijden en dan laat ik de auto liever thuis. Maar stilletjes hoop ik dat we nog eens een ouderwets strenge winter krijgen. Ook al zegt mijn portemonnee keihard ‘neen’. Want koude winters zijn dure winters, vooral dan om je huis te verwarmen. En met veel te hoge energieprijzen in dit landje is dat meer dan ooit het geval. Dus ik kan heel goed begrijpen dat mensen zeggen ‘nee liever geen koude winter en al zeker geen sneeuw’. Maar ik kan het niet helpen. Ik vind dat dat zijn charme heeft. Ik vind eigenlijk dat alle seizoenen hun charme hebben. Vandaag genoot ik van de herfst en het vallen van het blad. Over een half jaar zal ik mij verheugen op het botten van de bladeren, de eerste bloempjes en de stijgende temperaturen. En ja mijn favoriete seizoen is en blijft de zomer.



Maar de kop is er weer af, en het gegeven dat ik nog eens in de natuur ben geweest stemt mij heel gelukkig en tevreden. Even alles achter me laten. Laat de wereld maar rustig verder draaien en laat de mensen zich maar verliezen in hun drang naar geld, luxe, weelde, status en macht. Laat de auto’s op de snelweg maar verder razen en de vrachtwagens hun trip van hot naar her verderzetten. Laat de sociale media even voor wat ze is en de politici mogen rustig verder discussiëren en hun eeuwige grote gelijk halen.
Als ik de deur van min autootje dichtsla en de parking achter mij laat, het groen en de rust tegemoet. Dan kan het mij allemaal gestolen worden.
En nu ga ik mijn pompoensoepje dat ik gisteren maakte opwarmen en… NAGENIETEN!

Tuurlijk mochten ze mee.
Onze kleine schatjes. 


vrijdag 25 oktober 2024

Voor Cecieleke.




Dag kleine meid.

Mag ik je van harte feliciteren met je verjaardag lief hondje?
Tien jaar ben je nu geworden.
TIEN JAAR!
Oftewel 56 hondenjaren.
Vroeger zei men dat je de leeftijd van een hond moest vermenigvuldigen met zeven om te weten hoe oud je hond echt is. Maar dat klopt niet, want er zijn enkele factoren waar je rekening mee moet houden, zoals bijvoorbeeld het gewicht. Zoals je kunt zien in onderstaande tabel.
Jij bent een lichtgewichtje van minder dan tien kilo dus jou leeftijd staat naast de tien in de eerste categorie.
Maar laten we de droge feiten even voor wat ze zijn en het eens over jou hebben.


Leeftijden in hondenjaren.
Berekend voor grote, middelgrote en kleine honden.


Weet je kleine Cecile. We hebben een heel eind gereden voor we jou in onze armen konden sluiten. We zochten een dwergkeesje en we vonden een adres waar ze zulke hondjes ter beschikking hadden. Maar we moesten er wel voor tot in Mechelen rijden. Maar je vrouwke, mijn lieve Christiane wilde persé een keeshondje dus was er geen lievemoederen aan. Auto voltanken, GPS instellen en daar gingen we. De snelweg op en vrachtwagens, eeuwig gehaaste chauffeurs in dikke Duitse auto’s, irritante middenstrookplakkers en de eeuwige files op de Brusselse Ring trotserend. Onderweg stelde ik vast dat onze GPS het liet afweten, even paniek. Nog meer paniek toen ik een vrachtwagen inhaalde en pas dan zag dat ik de Ring moest afrijden, maar dat niet kon omdat die vrachtwagen in mijn weg reed. Dan maar de volgende afrit genomen en dat bleek die naar de luchthaven van Zaventem te zijn. Ik reed langs het luchthavengebouw en zag mensen grote koffers uit taxi’s en stationerende auto’s halen. En dan zag ik de wegwijzers die mij terug naar de Ring leiden om die dan aan de andere kant terug op te rijden en daarna direct af te slaan richting Mechelen-Antwerpen. Dan in Mechelen de snelweg af de wegwijzers richting Putte volgen. Dan zag ik de straatnaam die op het adres stond en tot mijn verbazing slaagde ik erin om mijn weg te vinden zonder GPS.

Eens binnen gingen we kijken in het verblijf van de hondjes en daar viel jij meteen op met je grappige witte sikje. En ’t vrouwke was meteen verkocht. Eigenlijk wilden we een reutje maar je bleek een teefje te zijn. Maar ’t vrouwke was niet te houden. En na het invullen van de papieren en het kopen van de nodige spulletjes zoals een leibandje en een eet en drinkbakje reden we met jou terug huiswaarts. We waren nog maar net de snelweg opgereden of je ledigde je maaginhoud op ’t vrouwke haar kleren. Dat lag aan mijn rijstijl, sorry Cecieleke en vrouwke.


Eén van de eerste foto's van Cecieleke.


En daar was je dan. Een kleine grappige puppy met de nodige puppystreken. Een speels bolletje pluche, dat haar eerste nacht alleen met mij doorbracht. Want het vrouwtje stond die avond met de nacht. We keken gezellig samen TV en daarna liet ik je naast mijn bed slapen, niet erop want ik was bang dat je op de lakens zou plassen. Maar voor we gingen slapen liet ik je wel even op bed om gezellig wat te spelen en te kroelen.
Is het daarom dat de band tussen ons zo sterk is lieve Cecieleke. Want dat is wel hoor.
Je voelt je zo geborgen als je op mijn buik ligt of gewoon naast mij in de zetel. Dan kijk je mij met een oprechte blik aan, een blik die vooral veel vertrouwen uitstraalt. Dan leg ik mijn hand op je tengere lijfje en voel je hartje kloppen. Traag, niet gejaagd, je voelt je bij mij op je gemak. En toen we voor het eerst gingen wandelen dezelfde avond, omdat ik je nog een plasje wilde laten doen en je leren dat dat buiten moet gebeuren, dan viel het mij op dat je bij het minste geluid of wat ook maar verdacht leek, je tegen mijn benen sprong of tussen mijn benen ging schuilen.


Die warme blik. 


Je was een temperamentvolle puppy en de overgang van puppy naar volwassen hondje verliep met veel puberstreken. Ja ook hondjes kunnen puberen en nog geen klein beetje zelfs.
Je hebt mij bij momenten zwaar op de proef gesteld, maar nooit kwam het in mij op om je ergens anders te plaatsen of – het idee alleen al – te dumpen. Ik ben opgegroeid met de gedachte dat een hond voor het leven is en dat als je beslist om een hond in huis te nemen, dat je beseft dat daar consequenties aan vasthangen. Hoe moeilijk het ook was kleine Cecile, Ik heb je altijd graag gezien en diep in mijn hart gekoesterd.
Na enige maanden wilde ’t vrouwke een tweede hondje. Dat werd je grappige vriendinnetje Celientje. Je ‘zusje’. Nee jullie zijn geen echte zusjes, maar je leeft intussen wel al langer samen met Celientje dan dat je met je eigen broers en zusjes hebt geleefd.
Ook Celientje dreef ons tot het uiterste met haar hardnekkige gekef. En het dreigde zelfs uit te lopen op een conflict met de buren. Maar we hebben gezocht naar oplossingen en eens onze buren dat beseften koelde alles zonder blazen.


En toen kwam Celientje (rechts) erbij.



We zijn nu tien jaar verder en we hebben samen heel veel leuke dingen gedaan en beleefd.
Jullie mochten met ons mee op vakantie en op daguitstapjes. We kozen bewust voor verblijven waar hondjes binnen mogen, ook al moeten we daarvoor een supplement betalen. In het begin waren dat B&B’s maar later werden dat vakantiehuisjes omdat je dan toch wel meer privacy hebt en je ding kan doen. En zo geven we jullie de rust en de tijd om je aan te passen aan die tijdelijke nieuwe omgeving.
Tijdens die vreemde corona pandemie gingen we vaak wandelen. Liefst van al in een bos. En als er niet te veel wandelaars waren dan mochten jullie loslopen, ja ik weet dat dat eigenlijk niet mag omwille van de andere diertjes en zo. Maar jullie zijn keeshondjes en die blijven gewoonlijk heel dicht bij hun baasjes. Jullie zijn zo erg aan ons gehecht dat het echt deugt doet.
Dat geldt ook voor je kleine speelzusje, maar nog veel meer voor jou.
En dat is omdat jij eigenlijk een ietwat angstig karaktertje hebt.
Je bent een kleine speelvogel, een balletjeszot, een uitdagertje een durfalletje dat al meteen op de leuning van de zetel sprong en dan vaststelde dat je daar alles heel goed kan zien. Maar diep van binnen heb je zo’n bang hartje. Je laat het niet snel blijken, maar ik voel dat kleine meid. Ik voel dat zo hard.


Mijn kleine steun en toeverlaat. 
Bedankt lieve Cecile. 

Wat ik ook zo sterk voelde, was hoe hard je me miste toen ik voor lange tijd naar het ziekenhuis moest. Je vrouwke stuurde foto’s en dan zag ik die diep trieste blik in die lieve oogjes van je.
En geloof me lieve schat… DAN BRAK MIJN HART!
Ja, ik heb vaak stilletjes gehuild in mijn ziekenhuisbed omdat ik je zo hard miste. En ik weet dat dat wederzijds was. Mijn moeder vertelde me over hoe Sina onze lieve Duitse Herder - die al vele jaren geleden overleden is en die over je waakt – heel boos was en haar negeerde nadat ze na een ziekenhuisverblijf terug naar huis kwam. Hij negeerde haar en keek haar van ver met een kwade blik aan, zo van ‘hoe durfde je het om mij achter te laten’? Ging jij dat ook doen Cecile? Ik vroeg het me af en had er een beetje schrik voor.
Maar dat was niet, integendeel. Wat was je blij toen ik ineens in het deurgat stond, samen met je vrouwke en mijn moeder en vader die mij kwamen halen. Hoe vrolijk je tekeer ging, hoe je plaste van blijdschap en hoe we je moesten kalmeren omdat het leek of je jezelf verslikte. De eerste dagen na mijn thuiskomst was je niet meer van mij weg te slaan. Rusten en herstellen deed ik in de zetel met jou aan mijn zijde. En dat voelde zo verdomd goed.

Je favoriete plekje, de leuning.


Lieve kleine Cecile. Kleine hartedief.
Je baasje houdt zielsveel van je. Ook voor mij was je een steun en toeverlaat. Je gaf me de kracht om door te zetten op moeilijke momenten zoals het herstel na mijn zware hartoperatie. Je deed me meer buitenkomen, en je dwong mij om met onbekenden aan de praat te gaan. Onbekenden die u en je zusje zo’n schattige hondjes vonden. Onbekenden die bekenden werden en die vroegen hoe het met mij ging toen ik in het ziekenhuis lag. Mensen die ook hondjes hadden, hondjes die jullie vriendjes werden. Zoals Odie, dat grappige krullenkopje van een paar huizen verder, waar je zusje zo gek van is. En ook het enige hondje waar je geen schrik van hebt. Of Sientje dat kleine keeshondje dat achter het raam zit in het huis tegenover onze huisdokter.
Door dagelijks met jou en je zusje te gaan wandelen en de vele boswandelingen die we maakten, leerde ik de natuur en het wisselen van de seizoenen te waarderen. En ja, ik weet intussen ook dat wandelen je weerstand versterkt en een vlug herstel bevorderd na ziekte.

Het zonnetje in haar snoetje.
Dat is voor Cecieleke het ultieme geluk.


Kortom. Bedankt Cecieleke.
Bedankt voor de vele mooie jaren die we samen beleefden en op voorhand bedankt voor de vele jaren die – HOPELIJK – nog zullen volgen.
Bedankt voor je vrolijkheid, je speelsheid, je troostende likjes en het tegen mij aanvleien als je zag dat ik het even moeilijk had.
Bedankt om er te zijn en om mijn leven rijker te maken.

IK HOU VAN JOU KLEINE CECILE!
Liefs.
Je baasje.



De twee kapoentjes samen.