zaterdag 24 januari 2026

Patiënt X 4





Sheila werd wakker met een bonzend hoofd en voelde zich kotsmisselijk. Ze liep naar de badkamer waar ze haar bad vol braakte.
Nog meer walgde van zichzelf en maakten diepe schuldgevoelens zich van haar 
meester.
 
Ze spoelde met de sproeier haar bad schoon, nam een snelle douche en poetste haar tanden, maar bij het drinken van een slok water uit haar beker moest ze weer overgeven. 
Dan nam ze haar gsm, ze zag enkele berichtjes van Karen. 
“Hey gaat het met u? Ge deed ineens zo raar.” 
“Hey Sheila laat eens van u horen, ik maak me zorgen.” 
“He
y, Ik heb vernomen dat Alain Donck Lionel Brackxs gaat ondervragen.”  “Verdomme,” dacht Sheila. “Misschien moeten kik toch ekeje beln. Mor eerst kaffie.  
En e Dafalgan, of nee… Twee Dafalgans.  
Sheila belde Karen op.  
“Hebt ge u in den drank gesmeten of zo?” vroeg Karen. “Uw stem klinkt zo schor en hees.” 
“Voe joen kun ‘k toch nietend verbergen hé,” zei Sheila. 
“Sheila, als ge meer weet over wat er gebeurd is tussen Magnus en Lionel, neem dan alstublieft contact op met Alain Donck ja. Die mag daar echt niet mee wegkomen.” 
“Woarom peins je da ‘k meer weten?” 
“Ik leid dat af uit uw reactie. Gij weet meer, en ge voelt u schuldig omdat gij aan Lionel hebt gezegd wat ge weet. En dat dat de reden is waarom hij Magnus zo hard aanpakte. En ge voelt u schuldig. 
Waar of niet?” 
Sheila zuchtte diep. 
“Waar of niet Sheila?” drong Karen aan. 
“Ja ’t es woar,” zei Sheila. 
“Wel dan, neem contact op Alain Donck en vertel alles wat je weet. Beloof je dat?” 
“Ja dat beloof ik,” zei Sheila. 

Wanneer Sheila beneden kwam keek Morgane haar met een nijdige blik aan. 
Merci hein!” zei ze bits. 
Voe wadde?” 
“Voor je dronken gebral en je luide muziek waarmee je mij en vooral Yanaïka uit onze slaap hebt gehouden.” 
“Ja ‘k zaten der efkes deure ja. Mag het nog. 
’t Es ghodverdomme mien schuld dat Lionel Brackxs Magnus zo heit toegetakeld.” 
“En dat is een reden om u compleet lam te zuipen en een hoop lawaai te maken.  
Sorry Sheila maar als dat een gewoonte gaat worden dan zoek ik een ander onderkomen. Ik ga niet met een opgroeiende dochter onder één dak blijven wonen met een doorzopen alcoholiste! Echt niet.” 
“Ok, ‘k geven toe. ‘k Ben te verre geghoan. Sorry.” 
“Sheila, ik weet niet of je dat wel goed beseft? Maar jij drinkt echt wel te veel hoor. 
Jij zoekt altijd de toevlucht in drank. Heb je iets te vieren dan haal je de fles boven of schenk je jezelf een aperitiefje in. Gaan de zaken niet zoals het moet dan schenk je jezelf een royaal glas whisky in omdat je het efkes nodig heit’.  
En je drinkt veel meer dan de aanbevolen hoeveelheid van minder dan tien glazen alcohol per week.” 
Sheila slaakte een diepe zucht. 
“OK, that’s it! zei Sheila. 
“Ik ghoan mie niemeje loaten ghoan lik gisterenavond. Da’s beloofd op mien woord van eer. 
Mor ghie moet toen ook stoppen met preken hé. E keer e ghoe glas drinken dat ghoaje mien nie ofpakken. Met joen geleuter over gezondheid heelder dagen.” 
“Kijk Sheila. Ik probeer Yanaïka bij te brengen om respect te hebben voor haar eigen lichaam en om altijd voor de gezondste keuzes te gaan. Hoe kan ik haar weerhouden om alcohol te drinken als ze hier dagelijks ziet dat alcoholgebruik iets normaals is?  
Ja ik ben er als de dood voor dat Yanaïka onder druk van haar vrienden gaat roken of drinken. En zo haar gezondheid gaat hypothekeren. En ik zou wat hulp hierbij van u en van Lou echt wel waarderen hoor. En als ge mijn visie over alcoholgebruik gaan afdoen als preken, dan heb ik niet echt de indruk dat ik van u veel hulp moet verwachten. 
Daarbij: Wilt ge uzelf dan echt niet een paar extra gezonde levensjaren cadeau doen?” 
Sheila gooide nog een Dafalgan in haar waterglas en nam nog een slok van haar koffie. 
“We ghoan doar over een andere  over klappen es ’t ghoed?” reageerde Sheila, maar ze zag aan het gezicht van Morgane dat ze daar absoluut geen vrede mee nam. 
 
Lionel Brackxs zat in de verhoorruimte van de lokale recherche. Arrogant keek hij voor zich uit. Zonnebril in het haar, kostuum van Hugo Boss, Rolex om de arm en een opzichtige gouden ketting rond zijn nek. Duidelijk een man die gehecht was aan zijn status. 
Naast hem zat zijn raadsman Meester Karel Vermeersch, alias Meester Procedurefout. 
“Bon vertel het nekeer,” zei Alain. 
“Magnus Robartsson werkte voor u, maar in tegenstelling tot wat hij u vertelde was hij geen volle week onwettig afwezig zoals u eerder verklaarde. 
Meer nog, u hebt een privédetective op hem afgestuurd om zijn doen en laten te laten vastleggen? Waarom was dat? 
“Omdat ik hem ervan verdacht dat hij gevoelige informatie over het project dat ik hem toevertrouwde aan de concurrentie doorspeelde. Maar dan beweerde dat wijf dat hij amper met mensen in contact kwam en na zijn werk gewoon naar huis ging, en amper contact maakte noch met zijn computer, noch met zijn gsm. Ja dan stond ik nog nergens.” 
“En dan heb je maar besloten om het recht in eigen handen te nemen,” reageerde Alain op scherpe toon. 
“Kunt u die beschuldigen staven Hoofdinspecteur Donck,” reageerde Meester Vermeersch die door Alain met een striemende blik werd bedacht. 
“Meester. Magnus Robartsson die door uw cliënt ervan werd verdacht bedrijfsgeheimen aan de concurrentie over te maken - maar er zelfs met de hulp van een zeer bekwame en professionele detective niet in slaagde om dat met bewijzen hard te maken – ligt momenteel zeer zwaar verminkt in het ziekenhuis. Als je iemand zodanig toetakelt zoals Magnus werd toegetakeld dan kan dat alleen maar betekenen dat je echt wel een zeer diepe wrok moet koesteren tegen die persoon.  
En nu blijkt uit het gesprek dat ik had met detective Sheila Verdoolaeghe afgelopen voormiddag dat zij vermoed dat de vraag van Lionel om Magnus zijn doen en laten na te trekken helemaal niets van doen heeft met bedrijfsspionage.” 
“Ik koester helemaal geen wrok tegen Magnus!” onderbrak Lionel. “Ik heb die jongen een baan gegeven en voor hem een appartement gehuurd en dat heb ik gedaan omdat ik in hem geloof.” 
“Nog steeds?” vroeg Alain.  
“Wel ja, nog steeds. Als ik hoor hoe zijn toestand nu is. Zonde gewoon.” 
“Waarom waren u en uw bedrijf al die tijd dat wij naar hem vroegen onbereikbaar voor elke commentaar? Waarom moesten uw medewerkers doen alsof ze nooit van ene Magnus Robartsson hebben gehoord?” 
“Dat kan niet dat Sheila hierover iets te weten is gekomen,” zei Lionel. 
“Dat is ook niet zo, wij hebben andere bronnen.” 
Vertwijfeld keek Lionel naar zijn advocaat die stoïcijns voor zich uit bleef kijken. 
Alain stond recht, plaatste zijn beide handen op tafel en keek Lionel Brackxs met strenge blik aan. 
“Lionel Brackxs, of moet ik zeggen… LIONEL PELCKMANS! Broer van de beruchte serieverkrachter Francis Pelckmans. “ 
Dat verleden ligt achter mij. Ik heb niet zonder reden de naam van mijn pleegvader overgenomen. Want het is dankzij hem dat ik kon studeren en vooral. DAT IK MEZELF KON ONTPLOOIEN!” 
“Hoofdinspecteur Donck, ik beschouw deze openlijke confrontatie met mijn cliënt zijn verleden welks hij voorgoed achter zich wil laten als irrelevant! En de vergelijking met zijn broer nog veel meer!” riep Karel Vermeersch verontwaardigd. 
“Ik heb uw dossier bekeken meneer Brackxs,” zei Alain. Fraai is het niet hé. 
Van school gestuurd vanwege langdurige en vernederende pesterijen in groep waarvan u klaarblijkelijk de leider was. En wat gebeurde er in het jaar dat u praeses werd van studentenclub Moeder Chicorei? Die doop die zo zwaar uit de hand liep, weet u nog? Een jonge schacht die na een val voor de rest van zijn dagen in een rolstoel zit, en wat deden jullie? Als laffe hazen gaan lopen!” 
“Ja, we hadden overdreven. Maar we hebben die jongen achteraf vergoed.” 
“Ja, alles mooi in de minne geregeld en jullie werden buiten vervolging gesteld. Dit zou  nu echt wel heel anders zijn gelopen, dat beseft ge toch. Een jongen binnengebracht op spoed, onder de blauwe plekken en met meerdere breuken, waaronder een gebroken ruggengraat. En een bijna fatale alcoholvergiftiging. 
U kickt blijkbaar op macht en onderdrukking nietwaar Lionel Brackxs? En blijkbaar wordt u ook niet graag tegengesproken.” 

“Hoofdinspecteur Donck! Ga naar mijn bedrijf en ondervraag mijn mensen. En u zult van iedereen horen dat ik een zeer correcte, joviale en tactvolle baas  en die iedereen van poetsvrouw tot leidinggevende ingenieur met evenveel respect en tact behandel.  
Ja ik heb het uitgehangen als jonge gast. Ja ik was een driftig baasje dat kickte op macht en status. 
Maar mensen veranderen Hoofdinspecteur Donck. En leren uit hun fouten. Ik zou niet zo gerespecteerd worden als CEO moest ik nog altijd diezelfde machtsgeile driftkikker zijn die tussen mijn zestien en drieëntwintig jaar was.” 
“Meneer Brackxs,” zei Alain die zijn kalmte probeerde te bewaren en beducht was voor de tussenkomsten van advocaat Karel Vermeersch die niet voor niets de bijnaam Meester Procedurefout had en die maar ijverig nota’s bleef nemen van het verhoor. 
“Ik ga even citeren wat ik Sheila Verdoolaeghe hoorde vertellen tijdens het verhoor dat ik van haar heb afgenomen in het ziekenhuis, welks ze rijkelijk illustreerde met de foto’s die ze had genomen tijdens haar opdracht, de foto’s die ze ook aan u liet zien. Zoals deze foto’s.” 
Alain legde een serie foto’s op tafel waarin Magnus Robardsson te zien was met niemand minder dan Saar Hazeldoncks, hoofd van de dienst HR bij UB-Tech Constructions. 
“Wat gaat er door je heen als je deze foto’s ziet?” vroeg Alain terwijl hij nog indringender in Lionel zijn ogen keek. 
Lionel zuchtte diep: “Wat wil je wat ik hierop zeg?” vroeg hij. 
“Gewoon, het eerste wat in je opkomt. Zeg wat je nu denkt?” 
“Bent u niet heel erg bevooroordeeld Hoofdinspecteur?” vroeg Meester Vermeersch. 
“Het lijkt wel of u willens nillens de scalp van mijn cliënt wil. Dat u hem gewoon klem wilt rijden en hem tot een bekentenis wil dwingen, los van het feit of u alles wat u hier zegt of op tafel gooit als bewijs hard kan maken of niet.” 
“Ik citeer wat Sheila Verdoolaeghe letterlijk zei over het moment dat Meneer Brackxs de foto’s bekeek. 
‘Toen hij de foto’s bekeek zag ik zijn blik veranderen. Was die voordien levendig en vol jovialiteit, veranderde die naar woede. IJzig kille woede gecombineerd met een diepe withete HAAT!” 
Lionel Brackxs wisselde enkele blikken uit met zijn raadsman. Ik heb niets meer te zeggen Hoofdinspecteur,” zei hij. 
“Dat is uw volste recht. Maar u blijft ter beschikking van ons en van het gerecht.” 
“Als ik dit verhoor niet nietig laat verklaren tenminste,” zei Meester Vermeersch terwijl hij zijn papieren ordende en meermaals tegen de tafel duwde om ze gelijk te maken en tegelijk Alain met diepe minachting aankeek. Hij was duidelijk niet gesteld op de doortastende manier van ondervragen die Alain erop na hield. En ja die minachting was wederzijds. 

donderdag 22 januari 2026

Patiënt X 3

 





Sheila liep het ziekenhuis in en stapte naar de dienst intensieve zorgen.
 “Alleen naaste familie toegestaan op de afdeling mevrouw,” zei een dame achter een loket waarachter een hoop computerschermen stonden in wat eerder een soort controlecentrum leek.
“Ik ben hier op vraag van Karen Huygheleers,” zei Sheila waarna de verpleegster haar toegang verschafte tot de afdeling.
Karen liep Sheila tegemoet: “Fijn dat ge gekomen zijt Sheila,” zei Karen met een hartverwarmende glimlach. “Ghie kan altijd op mie rekenen mokke,” zei Sheila terwijl ze Karen een hartelijke knuffel gaf.
Sheila was heel erg gesteld op de lieve, spontane, gekke, altijd lachende en feestgrage Karen. Hoe ernstig en toegewijd ze was tijdens haar dienst, des te harder liet ze zich gaan in haar vrije tijd. Geen feestje kon doorgaan zonder haar en ze was niet vies van een one night stand of een stomende liefdesaffaire op zijn tijd. Sheila heeft zelf al aan den lijve mogen ondervinden wat dat betekent. Want ofschoon ze van stoere mannen houdt maakt Sheila er geen geheim van dat een echt vrouwelijke vrouw haar ook wel nat kan krijgen. En op het einde van een stevig feestje in de Dinky Toys fluisterde Sheila dit zacht in Karens oor. Karen pakte Sheila’s hand vast en nam haar mee naar haar appartement waar ze zelfs niet tot in de slaapkamer geraakte. In de gang trok Sheila Karens jeansbroek naar beneden en trakteerde haar op een zalige orale verwenbeurt die Karen zich zonder schroom liet welgevallen. 
Maar hoe wild Karen was op haar vrije avonden en hoe hard ze ook kon genieten van een stevig glas bier of een pittige cocktail gevolgd door een vettige kebab in de ochtenduren. De uren  die ze in de fitness doorbracht waren heilig voor haar. Ze besefte als geen ander dat ze de harde stiel die ze uitoefende alleen maar kon volhouden als ze haar lichaam in topconditie hield. En het resultaat mocht er wezen, geen man die niet omkeek naar haar prachtige gestroomlijnde lichaam… EN ZE WEET HET!

Karen opende de deur van de kamer van Patiënt X. Sheila liep naar binnen, de man draaide zijn hoofd en keek Sheila aan met het enige oog dat hij nog had en nog – al was het maar half – kon gebruiken.
“Quién eres tu?” zijn hij moeizaam. “Wie ben jij?”
“Mi nombre es Sheila, Mijn naam is Sheila en men vroeg mij om hierheen te komen omdat ik vlot het Spaans beheers,” zei Sheila in alle eerlijkheid.
Sheila bekeek de van top tot teen en vooral zijn tatoeages observeerde ze met grote belangstelling. Tegelijkertijd nam ze haar smartphone veegde enkele malen over haar scherm en typte enkele woorden in.
“Pero sé honesto. Su lenga materna no es el Español. Wees eerlijk, jouw moedertaal is niet het Spaans.
“Es el único idioma que intiendo. Het is de enige taal die ik begrijp,” zei de man.
“Ditt modersmal är Svenska, eller hur?”
Zei Sheila in het Zweeds dat ze had opgezocht via Google Translation.
De man bewoog nerveus zijn hoofd heen en weer.
“Hur vet du det? Hoe weet je dat?” vroeg hij ineens.
“En je spreekt en begrijpt ook Nederlands nietwaar?”
“Ja,” zei de man terwijl hij nog heftiger met zijn ogen knipperde en met zijn hoofd schudde, en hij tenslotte zijn trillende handen naar Sheila uitstak.
“Wie ben je? En waarom weet je zoveel over mij?”
“Dit is nu niet belangrijk. Weet je hoe je heet?”
“Mag… Magnus…
Magnus Robardsson.”
“Waar ben je geboren?” vroeg Sheila.
Lulea, Sverige… Zwe… Zweden.”
“Goed zo,” zei Sheila, “je geheugen keert langzaam terug.”
“Hoe doe je dat toch? Hoe weet je dit allemaal?” vroeg Karen.
“Seffes mokke,” zei Sheila.
“Hoelang ben je al in België?” vroeg Sheila.
“Twee jaar.” Was het antwoord.
“Waar werk je?”
Dan hulde Magnus zich in stilzwijgen. Hij keek vertwijfeld naar het plafond.
En Jävel. Een klootzak,” zei Magnus.
“Heeft mijn leven ver… “
Magnus slaakte een luide jammerkreet en schudde zijn hoofd vertwijfeld heen en weer.
Sheila zag zijn vertwijfeling. De vertwijfeling van een man die elke hoop op een normaal leven moest opgeven en voor de rest van zijn leven een wrak zou zijn.
“Ik heb zelfs geen pik meer,” zei Magnus vol bittere vertwijfeling. “Ik die zo genoot van het liefdesspel en vrouwen zover deed krijgen dat ze zich helemaal gaven.
Wat voor zijn heeft mijn leven nog.”
Die woorden, de aanblik van een man zonder hoop op een normaal leven. Het raakte Sheila diep in het hart. Rauw en ongenadig.

Dan ineens verliet ze de kamer. “Gaat het Sheila?” vroeg Karen nog. Maar Sheila luisterde niet en liep de afdeling intensieve zorgen uit recht naar de uitgang. Eens in haar pick-up truck schreeuwde ze letterlijk de ziel uit haar lijf!
“Mien schuld!!!” Schreeuwde ze. Haar kreet was rauw en doorleeft!
“’t Es ghodverdomme ol mien schuld!!! Stomme stake da ‘k zien!”
Sheila sloeg zichzelf meerdere keren in het gezicht en trok als een razende aan haar haren.
Dan startte ze haar pick-up en reed ze naar huis, maar ze was zo weg in haar gedachten dat ze bijna een ongeval veroorzaakte. Een kwaaie man stak zijn hoofd uit het raam van zijn bestelwagen met Nederlandse nummerplaat: “Zie toch wagge doet achterlijk wijf. Koopt u nog ne grotere

kar woar dagge nie meej kunt reie! Stomme geit,
brulde hij met zijn duidelijk hoorbaar Noord-Brabants accent.
Sheila negeerde de kwade man en reed door even later was ze thuis en sloot ze zich op in haar vertrekken waar ze muziek opzette, een stevige portie Metallica op maximum volume.
Daar greep ze naar de whiskyfles en zoop ze zichzelf letterlijk lazarus. Tegelijk vloekte en raasde ze alsmaar harder. Ze haatte zichzelf, walgde van zichzelf. Het besef dat ze door Magnus te schaduwen en zijn doen en laten door te geven aan zijn werkgever Lionel Brackxs Ook al bleek er uit niets dat Magnus zich schuldig maakte aan het overmaken van interne of geheime informatie over het project waar hij op dit moment aan werkte, toch toonde ze de foto’s om aan te geven waar hij op dat moment wel mee bezig was. En ineens besefte ze dat ze dat maar beter niet had gedaan en waarom.
Sheila schonk nog een glas whisky in en staarde voor zich uit met de bijna lege fles whisky in haar handen. Om dan gewoon het glas te negeren en de hele fles leeg te drinken. Om dan in haar zetel als een blok in slaap te vallen.

Intussen in het bureau van de recherche.
“Bon mannekes, ik heb goed nieuws. Patiënt X is bij kennis en het blijkt wel degelijk om Magnus Robartsson te gaan. En ik denk wel dat de commissaris weinig andere keuze heeft dan ons de toestemming te geven om eens langs te gaan in dat bedrijf en eens een paar gerichte vragen te stellen.”
“Ik zou mij geen illusies maken chef,” zei Bart. “Wat er in dat bedrijf gebeurt is top secret en dit omwille van de moordende concurrentie in de sector waarbij men bedrijfsspionage niet schuwt.”
“Ha, misschien heeft die Magnus Robardsson voor een paar stuivers informatie over zijn project doorgespeeld aan de concurrentie en heeft dat Lionel Brackxs heel erg kwaad gemaakt.”
“Speculaties chef, niets dan speculaties. Kan je dit hard maken? Je spreekt over één van de grootste werkgevers in een zeer gespecialiseerde sector die heel wat hooggeschoolde profielen aan he werk zet. Besef eens chef dat je zo iemand niet zomaar kan beschuldigen op basis van natte vingerwerk.”
“Als ik daar gewoon wat vragen kan stellen, dan zal snel duidelijk worden of mijn stelling natte vingerwerk is of niet Bart. Maar daarvoor moet ik dat eerst mogen.
Snapt ge dat een beetje? Onnozel betweterke!” bromde Alain terwijl hij zijn kop opnieuw vulde met koffie ‘heet en straf’.
Hij belde naar de commissaris en trok dan aan Barts mouw. “Kom jongen, werk aan de winkel,” bromde hij.

woensdag 21 januari 2026

Patiënt X 2


Een maand later.
De onbekende man werd nog steeds in kunstmatige coma gehouden, maar zijn verwondingen heelden snel en uit scans maakten de artsen uit dat zijn hersenactiviteit dag na dag toenam. Blijkbaar zal hij alsnog in staat zijn om te communiceren en dingen te begrijpen. Hoezeer zijn geheugen is aangetast zal nog moeten blijken. Dokters overlegden of de tijd al da niet rijp was om de man uit zijn kunstmatige coma te halen. Ook Karen was bij dit overleg betrokken, want zij zou de eerste zijn die hem zou aanspreken wanneer hij ontwaken zou.
Karen voelde de spanning in haar lichaam toenemen en haar hart bonzen. Ze hoopte dat hij tot communicatie in staat is en dat ze alsnog zou weten wie die man is en wat hem overkomen is.

Bij de recherche zat het onderzoek op een dood spoor. De motor was geleased door een firma gespecialiseerd in technische bouwwerken, maar daar wilde men niet vertellen wie deze motor gebruikte. Tot Alains ergernis leek het of ze zich daar van ‘krommenaas’ gebaarden en leek het erop dat ze suggereerden dat een werknemer zijn motor had uitgeleend aan iemand.
“Zo komen we nergens godverdomme,” foeterde Alain terwijl hij door het bureau liep te ijsberen. Dat intussen bleek dat de haren en andere DNA sporen in de helm overeenkwamen met die van de man die nu in het ziekenhuis ligt maakte dat het contact met dat bedrijf nog stugger werd.
“Die weten daar meer,” bromde Alain. Maar tot verdere onderzoekdaden overgaan werd hem door de commissaris niet toegestaan. De commissaris die hem meermaals en met aandrang op het hart drukte om zich koest te houden en geen eigengereide acties te doen. Vooral omdat het onderzoek naar de dodelijke incident met KennyBossuyt nog lopende was.
Ofschoon hij blij was dat hij terug aan de slag mocht baalde hij van het feit dat zijn bewegingsvrijheid beperkt was.

Intussen liep Karen de kamer in van de man die geboekstaafd stond als ‘Patiënt X’. Ze checkte zijn parameters en zag dat hij zijn hoofd bewoog.
“Hou je hoofd stil meneer,” zei ze terwijl ze de man strak aankeek.
“Weet u waar u bent?” vroeg ze.
“No, por favor, adujame,” hoorde ze hem zeggen.
“Todo Duelo, Que me esta pasando.” (Alles doet pijn. Wat gebeurt er met me?)
“Tranquillo señor,” zei Karen. “Rustig maar, wij zijn hier om je te helpen? U bent nog steeds in een zeer kritieke toestand.”
“Español por favor,” hoorde ze de man stamelen.
“I don’t speak Spanish i’m sorry,” zei Karen.
“No comprende señora,” stamelde de man.
Karen verliet de kamer en wende zich tot haar overste Dr Snoeyberghs.
“Ik begrijp het niet,” zei ze. “Hij drukt zich uit in het Spaans en geeft aan geen enkele andere taal te begrijpen. Terwijl hij qua haarkleur of gelaatstrekken – voor zover we die nog kunnen onderscheiden – helemaal geen Spaans type is.”
“Hij heeft er misschien lange tijd verbleven, en heeft hij alleen aan die periode nog herinneringen, waaronder het zich in het Spaans uitdrukken en verstaanbaar maken,” zei Dr Snoeyberghs.
“Misschien,” zei Karen. “Maar dat maakt communicatie niet makkelijker. Niemand op de afdeling spreekt Spaans zover ik weet.”
“Dat wordt inderdaad moeilijk ja,” zei Dr Snoeyberghs peinzend.
“Maar wacht eens, ik denk dat ik weet wie ons kan helpen. Ik weet dat onbevoegden niet zomaar op de afdeling mogen komen, maar kan er echt geen uitzondering maken om deze situatie te ontkrachten.”
“Ok, dat kan. Maar je moet beseffen dat ik hier een zware verantwoordelijkheid tref. Als iets met die man gebeurt kan dit mijn job kosten, en de uwe ook.”
“Er zal niets gebeuren dokter,” zei Karen waarna ze haar telefoon uit haar zak haalde.

Lou Selleslaghs liep gezwind over het grindpaadje dat toegang gaf tot het huis waar hij sinds enige maanden een eigen kamertje had. Het huis dat hij samen met zijn geliefde Sheila eigenhandig opknapte en dat zo’n diepe emotionele betekenis voor hem had. Hij opende de deur en hing zijn jas aan de kapstok. Hij opende de deur die toegang gaf tot de kantoren van het detectivebureau dat Sheila runde samen met haar vennoot Morgane. Maar er was niemand. De computers waren uit en er lagen alleen wat paperassen op de bureaus.
Dan liep hij naar boven, hij hoorde muziek komende uit de vertrekken van Sheila. Ze is dus thuis. Hij klopte op de deur. “Kom mor binnen schietje,” hoorde ze aan de andere kant van de deur.
Daar trof hij Sheila aan, liggend in de zetel in een zwart T-shirt van Black Sabbath en haar slip en verder niets. Ze rechtte zich en liep op Lou af, terwijl trok ze haar T-shirt uit en gooide het waar het maar vallen wilde. Dan sloeg ze haar armen rond Lou zijn hals en gaf ze hem een hartstochtelijke kus.
“J’ei vroeg gedoan schietje, gheistig,” zei ze terwijl ze zijn hemd losknoopte.”
“Ja, vroeg gedaan. Dus eindelijk nog eens de gelegenheid om eens wat tijd met mijn lief door te brengen zei Lou terwijl hij zijn handen naar beneden liet glijden en tegelijk haar slip van haar heerlijke kont schoof.
Sheila schurkte haar onderlichaam tegen Lou’s kruis en zoende hem hartstochtelijk in de hals. Ze rukte zijn hemd uit die op de grond viel en knoopte zijn broek los.
“Ek wiln seks schatje,” kreunde Sheila.
“Ek wiln daje me poept, hard en stevig!”
Lou tilde Sheila op en legde haar op de zetel waarna hij haar slip uittrok. Dan trok hij zijn broek uit, spreidde haar benen en kroop op haar om dan stevig van bil te gaan met Sheila, ZIJN SHEILA!
“Heerlijke vrouw!” zei hij terwijl hij haar met volle kracht penetreerde. “Heerlijke vrouw met een verrekt heerlijk lijf! Kan maar niet genoeg krijgen van uw machtig schone borsten Sheila. Van uw strakke buik en vooral uw lekker nauwe poes die zo heerlijk neukt RRAAAUW!”
Sheila ademde steeds zwaarder en kreunde en gromde steeds luider.
Dan werd het passionele liefdesspel van Lou en Sheila onderbroken door telefoongerinkel.
“Godvermiljaardedju!!! Wuffer stommekloot belt er nu! ‘k Zoen doar toch zo van braken hé. Olsang als e meins ekeje an ’t genieten es!”
Sheila nam op, maar klonk al meteen een stuk aangenamer.
“Hey Karen mokke, zegget ekeje woarmee kan ‘k joen van dienst zien.
Wadde, alleine mor Spoans.
Ewel, ‘k ghoan ekeje langskomn, tot toene.”

Dan wendde ze zich tot Lou. “Ja sorry vor ’t abrupte einde van uzze zalige vrijpartij. Mor diene patiënt daze zwoar verminkt gevoengn hein es bie kennisse, moar je klapt en verstoat bliekboar alleine mor Spoans. En omdat Karen weet dat kik ’t Spoans ghoed beheersen vraag ze mien voe te komn helpen.”
“Als dit tot een doorbraak kan zorgen in die vreemde zaak is het goed dat je je diensten gaat aanbieden. Kom als je klaar bent maar gewoon langs boven bij mij, dan drinken we nog een afzakkertje bij een goed streepke muziek. Deal?”
“Tuurlijk dadde,” zei Sheila waarna ze zich aankleedde en in haar pick-up startte.

Terwijl meldde een vrouw zich aan in het politiekantoor. “Ik had graag Hoofdinspecteur Alain Donck van de lokale recherche gesproken?” zei ze tegen Caroline de receptioniste.
“Waarover gaat het mevrouw?”
“Dit wens ik alleen met hem te bespreken, in alle discretie als het even kan.”
“Goed, ik bel even of hij vrij is,” zei Caroline.
“Hij is vrij,” zei Caroline na een kort telefoongesprek. Derde deur links, en gewoon naar hem vragen.”
De vrouw liep door de gangen. 37 jaar, lang blond haar, slank, mooie ronde kont, fier vooruitstekende borsten, volle lippen. Een vrouw die vele mannen deed omkijken waar ze ook maar kwam. Ze droeg een zwarte stijlvolle shirt met V hals die haar slanke figuur liet spreken en daarover een donkerblauwe vest en een zwarte heel vrouwelijke broek en elegante schoenen zonder hak.
Ze stapte met elegante tred het kantoor van de recherche binnen, zowel Geert, Bart als Patrick keken op en volgden de vrouw met hun ogen bij elke stap die ze zette. Net op dat moment kwam Alain Donck uit zijn afgezonderde bureau. “Dag mevrouw, u wilde mij spreken?” vroeg hij. “Komt u maar,” nodigde hij uit.
Met gevoel voor raffinement legde de vrouw haar jas over haar stoel en ging dan zitten.
“Bon vertel het nekeer,” zei Alain.
“Mijn naam is Saar Hazeldoncks en ik ben HR-Manager bij UB-Tech Constructions.”
Het bedrijf dat we al de hele tijd proberen te bereiken in verband met de link tussen de motorfiets die in het bos werd aangetroffen en de zwaar verminkte man die gekend staat als Patiënt X,” zei Alain.
“Precies, en ik kan een naam plakken op die ongelukkige jongeman.”
“Ik ben één en al oor,” zei Alain.
“Magnus Robardsson,” zei Saar. “34 jaar, geboren in het Zweedse Lulea, Afgestudeerd als ingenieur aan de universiteit van Uppsala en verdere specialisaties gedaan op de Technische Universiteit van Delft. Polyglot, spreekt vlot 8 talen waaronder het Nederlands, maar ook Spaans, Portugees en zelfs Arabisch. Goed met computers, vlot in de omgang en na anderhalf jaar in dienst leidde hij al zijn eigen project en met succes.”
“Als die man zo’n goeie kwaliteiten heeft, op het perfecte af. Waarom werd hij dan aangetroffen in het bos met zulke zware verminkingen.”
“Magnus was sinds twee weken niet meer komen opdagen, het nieuwe project dat hij was begonnen liep in het honderd en natuurlijk was onze CEO Lionel Brackxs not amused. Ik moest zijn naam uit het personeelsregister verwijderen en we mochten niet zeggen dat we hem kenden.”
“Hoe was de relatie van Magnus Robardsson met zijn baas Lionel Brackxs?” vroeg Alain.
“In het begin heel hartelijk. Lionel had hem meegebracht uit Zuid-Frankrijk waar hij al jaren werkt aan de restauratie van een oud Provençaalse landhuis. Daar liep hij Magnus tegen het lijf die hem vroeg of hij geen werk voor hem had of iemand kende die een werkkracht vandoen had. Lionel liet Magnus meehelpen aan de restauratie van zijn landhuis en stelde vast dat de jongeman een neus had voor bouwkunde en wees hem zelfs op fouten die Lionel schoorvoetend moest toegeven, zonder Magnus was de leefruimte van het huis vast ingestort vroeg of laat. Ze werkten hard en er ontstond een hartelijke band tussen hen, en toen hij wist dat Magnus ingenieur was bood hij hem meteen een job aan in ons bedrijf dat gespecialiseerd is in het bouwen van technisch zeer ingewikkelde constructies. En daar voelde Magnus zich als een vis in het water.”
“Kan ik er vanuit gaan dat iets de relatie tussen Magnus en zijn baas heeft doen vertroebelen?” vroeg Alain.
“Ja, maar het fijne weet ik er niet van. Maar ik weet dat jullie onderzoek in de richting van ons bedrijf wees met onder andere het leggen van de link met de motorfiets en het DNA van Magnus. En daarom vraag ik mij af, waarom zetten jullie geen verdere stappen? Het bedrijf bezoeken, mensen ondervragen, dat soort dingen.”
“Dat gaat niet zomaar, onze commissaris heeft liever niet dat we zomaar één van de meest gerespecteerde technische bouwbedrijven van dit land zomaar in rep en roer zetten. Tussen ons gezegd, hij heeft schrik van de raadsman van Lionel Brackxs.”
“Karel Vermeersch,” vulde Saar aan. “Beter gekend als ‘Meester Procedurefout’.”
“Precies,” zei Alain. “Die heeft ons al eerder in een lastig parket gebracht, en daar is onze commissaris als de dood voor. Anders maar al te graag hoor, ik zou ook niets liever zien dan dat er schot in de zaak komt.”
“Ik denk dat ik genoeg weet, ik moet gaan nu. Nog een prettige dag Hoofdinspecteur Donck,” zei Saar terwijl ze rechtstond en Alain een haastige handdruk gaf.

Alain nam de hoorn van de telefoon en belde naar de commissaris. “Commissaris Van Marcke kan ik u even spreken?”
“Komt u maar naar mijn bureau Alain,” zei de commissaris.
“Goed commissaris,” stak Alain Donck van wal. “Ik heb daarnet een heel belangrijke getuigenis afgenomen van een vrouw die beweert een naam te kunnen plakken op Patiënt X en ja hij is gelinkt aan UB-Tech Constructions het bedrijf van Lionel Brackxs.”
“En op basis van die getuigenis hoop jij dat ik u toestemming ga geven om daar iedereen uit te gaan vragen en de bedrijfsleider van één van de meest gespecialiseerde bedrijven van dit land te gaan lastigvallen?”
“Alle sporen wijzen naar Lionel Brackxs en zijn bedrijf commissaris.”
“En wat als blijkt dat die Patiënt X die volgens de behandelende arts elk moment bij kennis kan komen iemand anders is. Wat ga je dan doen? Met hangende pootjes je excuses aanbieden aan Lionel Brackxs? Om een aanklacht van zijn advocaat Karel Vermeersch te vermijden.
Kijk Alain,” zei de commissaris op gestrenge toon. “Jij moet eens gaan leren dat je niet zomaar kan in en uit lopen bij mensen met een verantwoordelijke functie of ambt.”
“Tuurlijk commissaris, tuurlijk. Want ofwel zijn dat allemaal vriendjes of connecties van ons nieuw permanent lid van de politieraad Marcel Leliaert. Ofwel zijn het klanten van ‘Meester Procedurefout’, dat stuk pretentie in toga dat er plezier in schept om maanden en jaren onderzoek met één pennentrek van tafel te vegen.”
“Dat heeft er allemaal niets mee te maken Alain!” onderbrak de commissaris hem. “Wanneer ga je nu eindelijk eens snappen dat modern politiewerk iets heel anders is dan zomaar bij Jan en alleman binnenvallen en dan nog op eigen houtje?
Trouwens Alain, heb je nog nagedacht over je vervroegd pensioen. Want ik heb zo de indruk dat je aanpassen aan nieuwe normen niet meer aan u besteed is.”
“Ja, en ik blijf bij wat ik eerder zei commissaris.
OVER MIJN LIJK!” Bij die woorden verliet hij het bureau van de commissaris en sloeg hij de deur met een harde klap dicht.

dinsdag 20 januari 2026

Patiënt X




Een ambulance reed met loeiende sirenes en gierende banden de dienst spoedgevallen binnen.
Enkele dokters en verpleegkundigen stonden al te wachten, de achterste deuren werden geopend en een brancard werd naar buiten geschoven. Daarop lag een man. Verminkt, onherkenbaar, helemaal onder het bloed en jammerend van de helse pijnen.
“Mijn God,” mompelde Dr Jan Frederickx, terwijl hij zich over de patiënt boog. “Wie heeft die man zo toegetakeld?”
“Geen idee, wandelaars vonden hem in De Leeghaerdsbossen, een eind van de paden af. Het is dankzij hun Border Collie die van het pad afweek en op het gejammer afging dat ze hem vonden en zo van een gewisse dood werd gered. Bijkomend geluk is dat de man van het koppel een gepensioneerde legerarts is met bakken ervaring op het terrein. Hij slaagde er meteen in om de ergste wonden en te ontsmetten en zo te voorkomen dat hij doodbloedde of een infectie op zou lopen.”
Dr Frederickx verwijderde de braces en verbanden en stelde vast dat de man helemaal naakt was. Zijn knieschijven en voeten waren verbrijzeld, zijn onder en dijbenen op meerdere plekken gebroken alsook zijn boven en onderarmen en al zijn ribben werden letterlijk gebroken met een zwaar voorwerp. Ook had de man een dubbele schedelbreuk en was er niks van zijn gezicht heel gelaten.
“Diegene die dit gedaan heeft is een gestoorde psychopaat,” zei Dr Frederickx van achter zijn mondmasker.
Bon, onmiddellijk opereren, te beginnen met het behandelen van zijn schedelbreuken. Dit wordt een werk van vele uren,” zei hij erbij terwijl de moed net niet in zijn schoenen zakte. “Bel Dr Franssen, de hoofdchirurg,” beval hij nog.
“Weten we wie die man is?” vroeg Danny Vervliet, de hoofdverpleegkundige van de dienst spoedgevallen.
“Er werden geen identiteitspapieren of dergelijke gevonden, hij werd naakt en zonder enige bezittingen aangetroffen. Politie is nog ter plaatse voor een sporenonderzoek. Ze zullen waarschijnlijk ook hierheen komen voor het stellen van de nodige vragen.
“Ik ben niet beschikbaar, het welzijn van mijn patiënt gaat voor,” reageerde Dr Frederickx fel.

Rechercheurs Alain Donck en Bart Holvoet kwamen de dienst spoedgevallen binnen.
“Goeiedag, lokale recherche. Mijn collega’s zouden graag enige vragen willen stellen in verband met het onderzoek.
“Ik ben dokter Inge Claessens, plaatsvervanger van Dr Frederickx,” zei een blonde vrouwelijke dokter van midden de dertig. “Het gaat vast over de man die hier in de vooravond werd binnengebracht.
Mijn overste Dr Frederickx is hem nu aan het opereren, bijgestaan door onze hoofdchirurg, het zal een werk van lange adem worden en dan nog is de kans groot dat die man nadien verder leeft als een plant.”
“Is hij er zo erg aan toe?” vroeg Alain.
“Geen deel van zijn lichaam is nog heel,” zei Dr Claessens. “Niet meer of die man komt hieruit als een levend wrak. Ik zal u enige foto’s tonen die we daarnet genomen hebben.”
Dr Claessens toonde de foto’s op haar tablet. Alain slikte. “Wat een beestachtige aanslag,” mompelde hij.
“Die kerel moet iemand serieus kwaad gekregen hebben,” merkte Bart Holvoet op. “Welke andere reden zou een mens hebben om zo driest tekeer te gaan?”
“Er is niet veel nodig om een mens zover te drijven Holvoet,” reageerde Alain geprikkeld. “Het is te merken dat jij nog niet veel meegemaakt hebt als rechercheur. En van wat je gezien hebt heb je blijkbaar niet veel geleerd, hé betweterke.”
“Chef,” reageerde Bart. “Om iemand zo driest en brutaal te verwonden, dat doe je alleen als je verteerd bent door pure, diepe withete woede. Misschien moeten we als we zijn identiteit kennen eens zien wat die kerel op zijn kerfstok heeft. Want blijkbaar heeft die gast de verkeerde het bloed van onder de nagels gehaald.
Dit is niet het werk van een psychopaat! Geloof me chef.”
“Geloven is voor de pastoors Holvoet,” bromde Alain. “In ons vak telt er maar één ding, DE FEITEN!”

Een uur later.
Op het bureau hing Alain de foto’s van de zwaar toegetakelde man op aan het prikbord.
“Bon, wat hebben we?” vroeg hij.
“Man, blank, blond haar, en sik. Verder helemaal onherkenbaar, gezicht letterlijk tot pulp geklopt en geen bot van zijn lijf heel gelaten. Volledig onbekend, geen papieren, geen identiteit, niks.
Dit wordt echt zoeken naar een speld in een hooiberg,” mompelde Alain.
“Ooggetuigen zouden en man met zijn persoonsbeschrijving van een motor zien stappen,” zei Geert Van Quathem, En die motor tot nader order nog altijd op de parking."
“Waar lieten jullie die motor dan niet ophalen voor nader onderzoek? vroeg Alain. "Godverdomme kunnen jullie dan echt niet wat meer initiatief nemen? Laat die motor ophalen voor verder onderzoek!" beval Alain. 
De motor werd opgehaald en naar het politiebureau gebracht, de helm hing nog aan het stuur. “Interessant voor DNA materiaal,” zei Alain. “Check de nummerplaat, dan weten we meteen  meer.”
“Die motor is eigendom van een leasingfirma,” zei Patrick. “Morgen bel ik op en vraag ik aan wie ze die momenteel hebben geleased?” Alain hoorde het aan en ijsbeerde door het bureau.
Hij wist nu al, dit wordt een zaak die wel eens heel diep in zijn kleren zou gaan kruipen. En hij gruwde bij de gedachte alleen al. Hij schonk zichzelf een koffie in, heet en straf, en staarde voor zich uit.
“Waarom zouden ze de motor van het slachtoffer laten staan, als ze alle moeite doen om ervoor te zorgen dat hij niet te identificeren is?” vroeg Alain zich af.
“Misschien wisten ze niet hoe hij zich verplaatste omdat ze hem hebben opgewacht op de plaats waar hij werd gevonden,” reageerde Geert.
“Goed nagedacht,” zei Alain terwijl hij zij koffie opdronk en een nieuwe kop inschonk.

Na een operatie die meerdere uren duurde en voor de chirurgen letterlijk slopend was werd de onbekende man naar de dienst intensieve zorgen waar hij in een kunstmatige coma zal worden gehouden en aan de beademing en hartbewakingsmachine worden gekoppeld.
Hoofdverpleegster Karen Huygeleers nam de zorg van de onbekende patiënt op zich en dit deed ze met de toewijding waarvoor ze in het ziekenhuis gekend stond. Samen met enkele andere verpleegsters. Karen is groot, slank en breedgeschouderd. Lang licht krullend blond haar, levendige blauwe ogen en dunne lippen die ze vastberaden samenperst. Haar handen zijn groot, ruw en pezig en ze heeft heel wat kracht in haar armen. Dat ze na haar dagtaak meerdere uren per week in de fitness doorbrengt straalt van haar af, voor Karen is een uitmuntende fysieke conditie broodnodig om haar harde job vol te houden.
Met een indringende focus verwijderd Karen de braces en verbanden en voelt een rilling over haar rug lopen als ze de man zijn vreselijke verwondingen ziet. Het breekt haar hart om te zien hoe zo’n struise flinke kerel werd herleid tot een zieltogend hoopje ellende. Ze hoorde het gepiep van de hartbewakingsmachine en het blazen van de beademingsmachine. Ze ontsmette de wonden op zijn hoofd, in zijn gezicht en zijn lichaam om dan naderhand met heel veel zorg de wonden opnieuw te verbinden. Ze stelde tot haar ontsteltenis vast dat ze zijn geslachtsorgaan hebben afgesneden. “Oh my fucking god, welke gestoorde geest bedenkt zoiets,” zei één van de verpleegsters die haar bijstonden. Karen keek haar aan en legde haar hand op de schouders van de jonge verpleegster.
“Een psychopaat meisje,” zei Karen. “Een gevaarlijke zot die achter slot en grendel thuishoort.”
Voor ze de kamer verliet wierp ze nog een blik op de man met wie ze zo hard meevoelde. Daarna zat ze in de dienstkeuken met een kop koffie voor haar neus voor zich uit te staren.

donderdag 15 januari 2026

Geen commentaar.


Dag lieve mensen.
Wat laten de mensen zich toch graag gaan op sociale media met hun vaak achterlijke commentaren.
Commentaren vol venijn tegenover publieke figuren. En dan nog het meest van al politici.
Ook al is het zo dat je als publieke figuur en zeker als politicus tegen een stootje moet kunnen, mag het toch wel eens gezegd worden dat er grenzen zijn aan het vitriool die bepaalde figuren zo nodig moeten gaan spuien.
Commentaren tegen al wie niet voldoet aan hun ideaalbeelden of wie hun idyllische wereldbeeld ook maar durft te bezoedelen. Denk maar gerust aan allochtonen, homo’s, transpersonen, mensen met een links wereldbeeld, mensen die zich zorgen maken over het milieu en het klimaat, enzovoort.
Commentaren vol venijn, vaak aangedikt met de gemeenste scheldwoorden en de grofste bewoordingen. Vaak neergeschreven met veel ingehouden woede en vooral frustratie;

Berichten op sociale media wekken veel emotie op. Ze gaan over zaken waarover wij bezorgd zijn. Over dingen die ons kwaad maken en die ingaan tegen datgene wat wij denken dat juist en correct is. Men speelt op de mensen hun gevoel met schokkende beelden en vlammende teksten die inspelen op ons gevoel en dan vooral ons onderbuikgevoel.
En net omdat de mensen zich tijdens het scrollen op sociale media zich laten leiden door hun onderbuikgevoel, zijn zij vatbaar voor foute informatie of zoals dat tegenwoordig heet, ‘fake news’.

Wanneer we vol zijn van emoties als woede, verontwaardiging of afkeer, dan denken wij niet meer helder na en zijn we niet meer voor rede vatbaar. Geloof me, ik ben zelf ook zo en ik heb ook enige uitschuivers gemaakt op sociale media waardoor ik ‘In de ban van Facebook’ terecht kwam. Maar ik probeer hieruit te leren en als er één ding is dat ik intussen heb geleerd is om gewoon even te wachten voor je op enter drukt en je tekst nog eens te herlezen. Een ander iets is dat ik een dagboek bij hou op mijn harde schijf, waarin ik schrijf hoe ik me die dag voelde, wat me bezig hield of wat me inspireerde tot bijvoorbeeld het schrijven van een nieuw verhaal of blogartikel. En dat laatste is eigenlijk heel interessant. Want zo kan ik nog eens terugkijken naar wat mij een maand, een jaar of twee jaar geleden bezig hield. En daar komen dan wel eens heel interessante dingen uit.

Waar we te weinig bij stilstaan is hoe onze hersenen reageren op die onophoudelijke stroom van informatie langs meerdere bronnen die dagelijks op ons afkomt. En dan heb ik het niet alleen over nieuws, maar ook over bijvoorbeeld reclame. Reclame is overal en je kan niet om die onophoudelijke stroom van reclame in de vorm van TV en radiospotjes, banners, pop-ups en filmpjes voor of na het afspelen van een video op Facebook of Youtube heen.
Reclame beïnvloed ons denken en handelen, en dat doet het door in te spelen op onze emoties eerder dan op ons vermogen om rationeel na te denken. En het jammere is dat ook de makers van sociale media content, maar ook krantenredacties meer en meer op onze emoties gaan spelen. Veel links naar allerlei artikels op sociale media zijn niets meer dan clickbaits. De titels zijn vaak ronkender dan de inhoud ervan, en het jammere is dat traditionele media zoals kranten, tijdschriften of TV zenders hieraan meedoen. Zelfs in het TV journaal speelt men in op je emoties door cliffhangers die je aandacht moeten vasthouden voor men een iets saaier – maar daarom niet minder belangrijk – thema aansnijdt. Kan er mij eigenlijk eens iemand vertellen welke nieuwswaarde de strapatsen van een in een masker gehulde BV of het vallen van de eerste sneeuw hebben dat men er zoveel aandacht moet aan besteden in een TV journaal. Waar is de tijd dat het nieuws voornamelijk over binnenlandse en internationale politiek ging, aangevuld met gerechtelijk nieuws of andere belanghebbende maatschappelijke tendensen.
Saai, zeg je? Welja als je er zo over denkt dan heb ik slecht nieuws voor je.
Je hersenen zijn gehackt!

In dit boek wordt heel duidelijk uitgelegd wat ik bedoel met...
Uw hersenen zijn gehackt. 
(AANRADER!)


Afleiding.
Heb je je al eens afgevraagd waarom je steeds weer naar je smartphone grijpt? Hoe vaak heb je Facebook of Instagram al geopend vandaag? Weet je hoeveel tijd je per dag of per week doorbrengt met doelloos scrollen op je smartphone?
Je kan dat goed bijhouden, dat weet je toch? Bij instellingen vind je een functie ‘digitaal welzijn’. Doe dit eens open en doorwroet dat eens op je gemak, je zal verstelt staan van je scroll en surfgedrag, echt waar.
Zelf zit ik toch zeker minstens anderhalf uur op mijn smartphone te scrollen. Pas op, dat kan variëren van dag per dag, daar niet van. Hangt er van af hoe druk het is op het werk, of welke andere dingen ik die dag doe. En dan tel ik de uren bij waarop ik op de laptop bezig ben niet eens mee. En ja, ook dan kan ik de neiging om eens op Facebook te neuzen niet onderdrukken en dan gebeurt het wel eens dat er een uur voorbij gaat zonder dat ik verder schrijf aan een tekst als deze.

Onze hersenen vinden dat leuk die afleiding. Scrollen, filmpjes kijken, zappen van pretzender naar pretzender is voor onze grijze cellen het einde. Net zoals ze fastfood, frisdrank, snoep en zoete desserts het einde vinden en ons een instant goed gevoel geven.
Al die bovenstaande zaken brengen onze hersenen in een alfastaat (klik en leer bij)Dat wil zeggen dat je minder scherp en kritisch gaat nadenken, waardoor je ontvankelijk wordt voor wat vooral goed VOELT!
Je gevoelens nemen het over van het rationele en dat heeft een invloed op je vermogen om kritisch na te denken.
Voel je het al komen?
Grote techbedrijven, alsook hun adverteerders die willen dat je vooral gaat voelen in plaats van te denken. Die willen niets liever dan je aandacht vasthouden en je ontvankelijk maken voor HUN boodschappen. Hoe ontvankelijker je bent, hoe meer je geneigd bent om hun producten te kopen of hun content tot je te nemen. Bedrijven als McDonalds, Coca-Cola of Amazon hebben gigantisch veel geld over om op sociale media te adverteren. Er is een reden waarom influencers hopen geld verdienen met het aan elkaar praten van hippe video’s elke dag opnieuw waarin ze argelozen jongeren allerlei producten of gadgets willen aansmeren of nieuwe trends willen aanpraten. Zeker jonge mensen zijn heel gevoelig voor deze marketingtechnieken.

En vergis je niet, die marketingtechnieken zijn helemaal niet zo nieuw. Ze werden honderd jaar geleden al bedacht door een zekere Edward Bernays, die wereldberoemd werd als de bedenker van het concept Public Relations, kortweg PR.
Hij raadde bedrijven aan om vooral in te spelen op het gevoel van hun potentiële klanten. Een product moest mensen vooral ‘aanspreken’. Ze moesten er zich mee kunnen identificeren. Mensen moesten het gevoel hebben dat ze al die tijd iets gemist hebben.
Het iconische beeld van de jonge kerel gezeten op een motor gekleed in een bluejeans. Het beeld dat vele jongeren aansprak in de jaren vijftig en zestig. Je hoorde er pas bij als je een ‘spijkerbroek’ droeg. En hoezeer ouders dat idee uit het hoofd van hun tieners probeerden te praten, en allerlei argumenten op de tafel gooiden. Ze gingen toch voor die felbegeerde blauwe broeken die en symbool waren van hun generatie. Dat idee was sterker dan eender welk argument.
Dat was het concept dat Edward Bernays introduceerde, en nog altijd is dat het beginpunt van de hedendaagse marketing en reclame industrie.



Train je hersenen.
Nadenken kost energie, nadenken is lastig, nadenken is iets wat we proberen te vermijden. Net zoals we verkiezen om rustig te stappen in plaats van te lopen. En dat doen we zelfs niet eens bewust. Als ik je een moeilijke som zou voorleggen, hoe groot is de kans dat je naar een rekenmachine grijpt? Of naar je smartphone waar die functie intussen standaard is.
De kans is groot dat je dat zelfs onbewust doet. En als ik je zeg ‘nee, je moet die som uit je hoofd rekenen’, dan ga je vast zeggen of denken ‘moet dat echt’?
Want nadenken kost energie. En wij zijn niet gemaakt om onnodig energie te verspillen. Dat is dan ook de reden waarom je voornemen om te gaan fitnessen of om met de fiets te gaan werken intussen al mislukt is, en januari is nog MAAR halfweg.
Waar of niet?

We weten allemaal dat voldoende beweging noodzakelijk is om ons lichaam gezond en fit te houden. Dan blijf je in conditie en hou je je lichaam langer fit. Voldoende bewegen vertraagt zelfs het ouderdomsproces. En dat geldt ook voor onze hersenen. Als ze niet voldoende uitgedaagd worden dan ga je minder scherp denken en misschien zelfs sneller vergeetachtig worden. Maar als je je hersenen af en toe wat uitdaagt dan blijf je langer scherp en kan je veel helderder denken en dat gaat je echt helpen om kritisch naar de wereld en ook naar jezelf te kijken.
En ja, minder scrollen en meer LEZEN kunnen hier echt wel helpen.
Bij lezen denk je misschien in de eerste plaats aan boeken, en ja dat is goed. Maar ook op het internet is er voldoende interessant leesvoer te vinden.  Er zijn voldoende goeie sites met artikelen en opiniestukken die gratis te raadplegen zijn en die je een beter inzicht geven in hoe de wereld in deze verwarrende tijden evolueert.



Ik schrijf dit omdat ik weet dat er mensen zijn die mijn blog lezen. Heel veel zijn het er niet, ik denk niet dat ik zou kunnen leven van mijn ‘content’ zoals dat tegenwoordig heet, en ik ben daar eigenlijk niet zo mee bezig. Of dat een goed idee is dat weet ik niet. Moet ik mij misschien eens in gaan verdiepen.
Maar ik wil hiermee echt wel oproepen tot meer diepgang en minder oppervlakkigheid en vooral MEER RATIONALITEIT!
Laat je niet zo leiden door je emoties, door je woede, door je boosheid, door je angst. Maar zoek dingen op en probeer deze wereld te begrijpen. Zoek uit waar het echt over gaat en probeer hoofdzaken van bijzaken te onderscheiden. Leer te begrijpen dat politici ook mensen zijn, want dat was eigenlijk de reden waarom ik dit artikel begon te schrijven. De uitvallen van heetgebakerde mensen tegen de jonge politica Melissa Depraetere die gewoon aankondigde om meet zwangerschapsverlof te gaan. En die terecht aanhaalde; "De enige mening die telt is die van de dokters!"
Oh nee, dat kan niet zijn hé. Dat wichtje maakt het zich wel heel gemakkelijk met haar riante loon, en wij zullen maar werken tot ons 67ste.
Ja, en dan? Ik moet dat ook doen. Ben ik kwaad? Nee.
Ben ik het altijd eens met haar beslissingen? Of met die van andere politici? Nee.
Maar het zijn ook mensen hé, net als wijzelf. En ik prijs mij gelukkig dat we nog altijd in een democratisch land leven en niet in een autoritaire staat als Rusland of China. Of dat we heir een geschifte populist hebben in de hoogste politieke positie van ons land. ZOALS IN DE USA!

En als je een klein beetje nadenkt en u goed informeert: DAN WEET JE DAT!

 

zaterdag 10 januari 2026

Grijs en saai.




Dag lieve mensen.

Het is weer januari, de feestdagen zitten erop en het nieuwe jaar is nu tien dagen oud.
We doen het terug wat rustiger aan, gedaan met de sloten drank en het copieus tafelen. Het feestgedruis verstomd en we hebben terug wat meer aandacht voor ons lichaamsgewicht en de voedingswaarde van wat er op ons bord ligt.
Ok, er zijn natuurlijk nog de nieuwjaarsrecepties, en het obligate ‘nieuwjaren’ bij die ene verre tante of nonkel met een stukske taart en met koffie al dan niet vergezeld met een druppelke of een glaasje cognac. Maar tegelijk wordt de kerstboom afgebroken en gaat de kerstversiering voor minstens elf maanden de kast in. Kortom, het leven gaat weer zijn gewone gang.

En ja dat is altijd weer een beetje wennen. Het is nog altijd vroeg donker en het weer is grauw en koud. We leven weer volgens de aloude routine en er zijn geen verlengde weekends in het vooruitzicht. Overdag werken en zien dat we met alles klaar geraken en de avond brengen we door binnen samen met onze geliefden. Weliswaar zonder boom met lichtjes en rijkelijk gedekte tafels en dure cadeaus, maar gewoon samen met elkaar. En we kruipen op een treffelijk uur in bed want morgen is het weer vroeg dag.
ZO SAAI!!

Wel ja, als tiener dacht ik er ook zo over. Ik baalde toen de vakantie over was, net omdat wat er op volgde zo saai was. Braaf naar school, de hele dag in dat muffe klaslokaal en dan ’s avonds huiswerk maken en dan vroeg naar bed. En het weekend was nog zo ver weg hé.
Maar nu ben ik 51 jaar oud, en ik moet eerlijk zeggen dat ik er vandaag de dag heel anders over denk.



Het is nu zaterdagnamiddag, iets na zestien uur. Het is stil in huis, mijn zoetje slaapt en er speelt geen TV noch radio. Het enige geluid dat ik hoor is het getokkel van mijn vingers over het toetsenbord en het getrippel van hondenpootjes op het laminaat. Af en toe kijk ik uit het raam en daar gaat het leven gewoon verder. Er rijden auto’s, af en toe een lijnbus en iemand laat zijn hond uit. Negen kansen op de tien in  het één van de honden of hondjes die ik tegenkom tijdens mijn dagelijkse wandeling met mijn hondjes, en heeft Celientje het diertje al een kusje gegeven. De luchten zijn grauw en het is koud en kil buiten.
Heerlijk toch.

Ik trek me even geen lor aan van het gekke gedoe buiten. Ik negeer het nieuws, het gaat toch maar over de fratsen van Trump of van onze eigen politiekers. Het is stil in huis en rustig in mijn hoofd en vooral dat laatste probeer ik vast te houden.
Ik heb de laatste dagen amper Facebook open gedaan, en ik probeer dat vooral om dat zo te houden. En dat vooral om mij  niet te verliezen in de polemiek die er heerst in de commentaarsecties. Want ik betrap mijzelf er op dat ik me teveel opjaag in de domme praat die er vertelt wordt. En ik heb soms de neiging om ofwel mij te laten vangen door het negativisme dat er wordt verspreid of om mij er aan te ergeren. En wat ik ook probeer te mijden zijn die pagina’s vol hunker naar vroegere tijden, daar heb ik het trouwens al eens over gehad.
En ik zou met die mensen in discussie kunnen/willen gaan, maar ik weet intussen dat dat geen goed idee is. Ze zijn zo vol van hun grote gelijk dat het toch uitmond in een potje schelden en verwijten en je krijgt al snel een naam of imago opgeplakt. Met andere woorden, je bent een ‘linkse rat’ of gewoon ‘woke’ voor je het beseft. Nee merci, dat hoeft voor mij niet meer.

Het machtige universum.


Nee, dan liever mij wat verdiepen in dingen die er echt toe doen. Lezen, opzoeken, uitzoeken, uitpluizen. Over de wetenschap, het menselijk lichaam, onze hersenen, over de oorsprong en de bouwstenen van het leven. Over het universum waar wij allen deel van uitmaken.
Wij zijn sterrenstof net zoals alle andere levende wezens, dieren, planten en schimmels. Onze lichamen bevatten dezelfde bouwstenen als de sterren, planeten, kometen, rotsen, mineralen, algen, schimmels, vissen, vogels en zoogdieren. Een blik op de sterren is een blik op ons verleden alsook op onze toekomst. Een blik op de ondergaande zon is de blik op de meest nabije bron van leven en van licht. Zonder de zon zou leven op deze planeet niet mogelijk zijn.

Ach, hier ga ik het nog wel vaker over hebben, dat weet ik nu al.
Liefs.
Miguel. 

woensdag 31 december 2025

Tussen genieten en opletten.



Dag lieve mensen.

De laatste uren van 2025 zijn geteld. Het is weer oudejaarsavond.
En we weten allemaal wat dat betekent. Gezellig rond een rijkgevulde tafel vol lekkere en vooral calorierijke gerechten. Maar ook met de nodige glazen alcohol: maar let op als je nog de weg op moet. Want er zijn niet alleen de zware controles maar ook de zware gevolgen, zelfs bij materiele schade.
Ooit waren de eindejaarsfeesten iets waar men reikhalzend naar uitkeek. Niet alleen voor de feeërieke sfeer, het versieren van de kerstboom en natuurlijk de cadeautjes. Maar ook het vooruitzicht van het eetfestijn en de ‘speciallekes’ die op tafel werden gezet. Dat waren dan voornamelijk dingen die de rest van het jaar amper aan bod kwamen wegens simpelweg TE DUUR.

En dan dacht men nog niet eens aan kreeft, foie-gras, oesters of champagne. Maar gewoon aan een prachtig traag gebakken en zelf versneden stuk rosbief, varkens of kalfsgebraad, kalkoen, parelhoen of Mechelse koekoek. Met verscheidene warme groentjes en natuurlijk… KROKETTEN!
En ja daar hoort een glaasje wijn bij natuurlijk en als afzakkertje een cognac bij de koffie. Dat was dan die ene fles die in de kast bewaard werd voor speciale gelegenheden.
Maar nu leven we in een tijd waarin elk excuus wel goed is om uitgebreid te tafelen. Er zijn de eindejaarsfeesten, in de zomer de barbecue en op het einde van de week zijn er de aperitief momenten met de collega’s na een drukke werkweek. En op een mooi weekend gaan we naar zee en ook daar wordt er getafeld in één van de vele restaurants en bij mooi weer natuurlijk op een terrasje. Die zitten op mooie zomerdagen dan ook overvol nietwaar.

Maar dan stel je vast dat al dat eten zijn tol begint te eisen. Je buikje wordt ronder en je moet grotere kledingmaten gaan kopen. De dokter maakt zich zorgen over je bloedsuiker en de conditie van je hart en je merkt zelf ook dat je conditie beetje bij beetje achteruit gaat. Want niet alleen is er die gewichtstoename, maar ook het recuperatievermogen dat alsmaar minder wordt. Je wordt sneller kortademig na een heftige inspanning en na het trekken van een sprintje om de bus nog te halen voel je je hart jagen als een op hol geslagen dieseltrein.

En je weet het, het is niet gezond. Je loopt een verhoogd risico op hart en vaatziekten, op kanker, op diabetes type twee en nog veel andere zogenoemde welvaartziekten die je echt niet wil hebben. Omdat ze je het leven kunnen kosten maar ook omdat de impact op je leven en je welzijn zo enorm is dat de schrik je om het hart slaat als de dokter ervoor waarschuwt.
Je weet je zou er dringend iets moeten aan gaan doen, maar…
HET IS ZO VERREKT MOEILIJK HE!

Kan je mij altijd een plezier mee doen. 
Kip! 


Eten of vreten?
Vandaag de dag eten we de hele dag door. Van uitgebreid ontbijt tot een zakje chips of wat hapjes voor de TV en alles wat er tussen zit. Tel eens op hoeveel reclame op TV over eten gaat? Koks hebben dezelfde status als modellen en rocksterren en hebben tegenwoordig ook hun eigen TV zender. In de supermarkten liggen alsmaar meer producten waar je vijf jaar geleden amper van hoorde. Wist jij 25 jaar geleden wat kimchi was? Of pesto? Of Quinoia? Guacamole? Of een Poké Bowl? Weet je dat ik pas na het klikken op een link gepost door een Vegan FB-vriendin dat ik wist waar de groepsnaam Black Eyed Peas vandaan kwam? Ja dat is een boon met een zwart puntje. En die bonen bevatten heel veel proteïnen.
En eigenlijk is er weinig excuus om gezond te gaan eten hé. Want het aantal gezonde producten in de rekken van de supermarkt wordt ook alsmaar groter en TV-koks doen alsmaar meer hun best om aandacht te besteden aan gezonde gerechten en producten. En terecht trouwens.

Maar we zien tegenwoordig door de bomen het bos niet meer. En om de zoveel keer hoor je van iets waarvan je heel je leven dacht dat het gezond was dat het toch niet zo goed voor je is.
Ik heb het in mijn blog daar al vaker over gehad en ja dat komt omdat ik eten als een basisbehoefte beschouw. En ja ik ben bezorgd om mijn gezondheid en ik probeer dan ook om mijn gezondheid zoveel mogelijk ter harte te nemen.
Maar ik kan zo hard genieten van een stevige maaltijd van een goed Belgisch biertje, een heerlijk glas wijn. En ja ik kook graag met een aperitiefje erbij. Een gin-tonic of een glaasje porto. Of gewoon een glas rode wijn.
Maar als ik dat te vaak na elkaar doe dan bekruipt het schuldgevoel mij, en dan denk ik: “Miguel, denk toch aan je gezondheid. Wil je nog eens anderhalve maand in de kliniek liggen. Of een verdict horen van de dokter dat nog erger is dan een lekkende hartklep?”
Dan laat ik de alcohol dan ook meerdere dagen na elkaar staan en dan probeer ik ook om ’s avonds na de laatste maaltijd niets meer te eten, en dan liefst tot morgenvroeg. En ja, soms denk ik dat het misschien een goed idee is om ‘intermettent fasting’ te overwegen. Ik heb al meermaals gelezen dat een langere periode niets eten goed is om je bloedsuikerspiegel te laten dalen en om zo het risico op diabetes type 2 te verminderen. Dit komt dat wanneer er geen toevoer is van suiker – wat toch echt in grote getale in onze voeding aanwezig is – meer is, je lichaam zijn vetreserves gaat aanspreken. Dit komt omdat suiker die niet als energie verbrandt wordt in ons lichaamsvet wordt opgeslagen.

Dat zijn dan die dingen die ik overweeg als ik weer eens op de weegschaal sta, of wanneer ik in de spiegel kijk.
Maar tegelijk denk ik: “verdomme, het leven is al zo kort. Morgen kan het in één klap gedaan zijn. Dat is helaas afgelopen jaar en het jaar daarvoor net iets te vaak gebeurd met mensen die ik liefhad. Dan besef je pas echt hoe snel het kan gedaan zijn. En ja het overkomt ook mensen die gezond leefden, op hun voeding letten en voldoende bewogen.

Het symbool van het goede leven.
Het authentieke Belgische frietkot. 


En ja, dan denk ik wel eens: “Weet je wat? Ik schenk mezelf toch dat aperitiefje in of vanavond eten we toch frietjes met een goeie biefstuk en als dessert een lekker vanille ijsje met gesmolten chocolade erover.”
En waarom ook niet? Er is echt geen reden om je schuldig te voelen omdat je eens een pintje drinkt of een grote beker met aardbeienijs eet. Of als je toch ingaat op de uitnodiging voor die ene barbecue waarvan je weet dat je er veel te veel gaat eten en je geen nee zal kunnen zeggen aan het aperitief van het huis en de heerlijke wijn die de gastheer je zal schenken.
Maar hou bij je dagelijkse keuze van wat je op tafel ga zetten gewoon wat meer rekening met de voedingswaarde.
En kies voor zoveel mogelijk groenten in alle kleuren!


Want dat is één van de interessantste dingen over voeding die ik het afgelopen jaar las. Elke kleur in je groenten bevat andere stoffen die goed voor je zijn. Ik ga het er later wel nog eens over hebben, maar nu hou ik het een beetje luchtig in dit artikel dat ik schrijf op de laatste avond van het jaar terwijl de TV op een muziekprogramma op Nederland 3 staat en er hapjes in de over zitten met een glaasje cava.

Want het jaar zit er weer op lieve mensen. En als ik dan toch een goed voornemen moet maken volgend jaar, dan is het dat ik wat meer verhalen op mijn blog ga plaatsen.
Want ik voel gewoon dat we in deze tijden een heel grote nood hebben aan goede verhalen. Verhalen die pakken, die ontroeren, die je soms doen janken, maar die je ook hoop geven en je ervan overtuigt maken dat er nog liefde bestaat in deze wereld. En dat we heel veel kunnen bereiken als we elkaar steunen en voor elkaar opkomen.

Maar bovenal wens ik jullie een heel gezond en vooral GELUKKIG 2026.
Op jullie gezondheid!

Miguel.

maandag 15 december 2025

Een blijk van medeleven.



Ik weet het, erg frequent schrijf ik niet in mijn blog. Maar ik weet dat hij gelezen wordt. Misschien niet door al mijn vrienden, maar er zijn er die het doen en die dan een ‘vind ik leuk’ reactie achterlaten. Net zoals het altijd dezelfde mensen zijn die dat doen als ik een foto plaats van de hondjes of andere zaken post op Facebook.

Maar het liefst zie ik mijn blog in de spotlights staan en eigenlijk zou ik veel meer moeten posten. Maar ja, het is de inspiratie die mij ontbreekt. En als die er is dan zijn er andere zaken die mijn tijd en aandacht opeisen. Zo moet ik tussendoor ook nog een beetje werken om aan de kost te komen hé. Wat geldt voor de meeste mensen onder ons nietwaar?
En ik volg jullie ook op Facebook en andere sociale media (vooral Facebook moet ik toegeven) en zo weet ik ook wel een beetje wat jullie leuk vinden, wat jullie ergert en waar jullie bezorgt om zijn. En dat schept wel een band ja.

Afgelopen week bereikten mij heel treurige berichten over iemand die altijd reageerde als ik een link naar een blogartikel plaatste op Facebook. Iemand waarvan ik zeker wist dat ze mijn blogposts wel degelijk las. Soms gaf ze meerdere ‘vind ik leuk’ reacties na elkaar en dat was voor mij een bewijs dat ze ofwel zocht naar mijn profiel ofwel iets van mij zag passeren en dacht ‘ha eens kijken wat die gast met zijn twee kleine schattige hondjes zoal gepost heeft de laatste tijd’.
Nu las ik dat deze lieve dame in allerijl naar het ziekenhuis werd overgebracht en dat ze in coma lag. Ze had door verstikking ernstige hersenschade opgelopen en die zou blijvend zijn.
Haar familie heeft helaas een vreselijke keuze moeten maken, maar die keuze was dan ook de beste. Want niets is erger dan te moeten verder leven als een plant.

Jullie weten, ik ben een gevoelsmens. Ik heb het nog niet onder woorden gebracht maar dit grijpt mij heel erg aan. Alweer iemand die ik – ook al is het maar virtueel – ken en die deze wereld heeft moeten verlaten. Iemand van wie ik dus wist dat ze mijn berichten op Facebook of mijn blog bekeek en las.
Ik wil hier met dit artikel ook mijn woorden van medeleven overbrengen aan haar nabestaanden. Meer kan ik helaas niet doen dan gewoon even hulde te brengen aan een dame die op haar eigen manier toonde dat ze wat ik postte en schreef waardeerde. En dat was wederzijds, want ik waardeerde ook haar posts en reacties.



Roos.
Bedankt voor je ‘likes’ en je reacties. Bedankt voor je waardering voor wat ik schreef of postte.
Ik heb het je nooit kunnen zeggen maar ik waardeerde het wel.
Ook jij bent nu aan de overkant net zoals zovelen die ik nu moet missen. En elke jaar komen er wel een paar bij, jammer genoeg. En ik weet, ze zeggen dat dit hoort bij het ouder worden en dat je op een bepaald moment vaker aanwezig bent op begrafenissen dan op huwelijken of doopsels, maar toch. Het blijft een wrang gevoel.

Maar tegelijk herinnert dit mij eraan dat ik de mensen die er nog zijn en die nog blijken geven van genegenheid. Dat ik die mensen moet koesteren en dat ik hen veel vaker moet tegen het hart drukken. Ook al is dat maar virtueel. Dat ik veel vaker moet zeggen ‘hey, ik ben blij dat jullie er zijn’.
Dit soort zaken doen wij veel te weinig!
En ja ik beken. Ik ook.
Gewoon eens wat meer zeggen ‘ik zie je graag’. Of ‘bedankt voor alles wat je doet’. Of gewoon ‘ik ben blij dat je mijn berichtje leuk vond’.
Meer moet dat soms echt niet zijn.
Mensen trekken zich daaraan op. Vooral als je dat doet op een moment dat ze het niet verwachten. En dat is wat ik dan ook wat meer ga doen. Gewoon eens zeggen ‘hey! Bedankt voor die ‘like’ of die leuke reactie.
Want we mogen dit soort dingen niet te veel als vanzelfsprekend beschouwen. 'Don’t take it for granted’ zeggen ze dan in het Engels. En dat is ook zo.
Genegenheid, kleine attenties, lieve woorden. Ze zijn niet vanzelfsprekend en dat mogen ze ook nooit worden. Je moet er altijd voor zorgen dat ze gemeend zijn en dat ze uit je hart komen.
Doe het niet ijdel, zorg dat het vanuit je hart komt. Adem vanuit je buik als je zo’n dingen schrijf en denk met genegenheid aan die persoon wanneer je het schrijft of zegt.

In deze wereld van harde woorden en luid uitgesproken meningen is een lieve attentie of een klein woordje van zachtheid meer dan ooit welkom. En dat telt ook voor een blogbericht waarin in eer bewijs aan een lieve dame die ik nog nooit ontmoet heb en wat ook helaas nooit meer zal gebeuren. Woorden van troost, van genegenheid, van koestering, van aanmoediging. Ze kunnen zoveel deugt doen, vooral als je ze onverwacht te horen krijgt en dan nog het meest van al op momenten dat je ze zo hard nodig hebt.
Daarom.
Daarom schrijf ik dit bericht!

donderdag 27 november 2025

Die kleine dingen des levens.





Dag lieve mensen.


Het is eigenlijk weer te lang geleden dat ik nog een blogberichtje schreef. Ja dat vind ik echt, en dat zeg ik jullie dan ook in alle eerlijkheid dat ik er zo over denk.
Temeer omdat ik van deze blog zo’n beetje mijn spreekbuis wil maken. Eigenlijk zou ik veel vaker hier moeten schrijven hoe ik me voel in plaats van op Facebook. Wat vaker kortere teksten posten maar frequenter. Korter op de bal. Teneinde jullie een beetje op de hoogte te houden van wat ik doe of laat.

Alles gaat hier goed met mij, dank u. Evenals met mijn lieve schatje en onze twee pluizige viervoetertjes.
Op één iets na – en dat is waar ik het met jullie over wil hebben – dat is dat ons kleine Celientje een nogal ingrijpende medische ingreep heeft moeten ondergaan.
Vorige maand merkte ik tijdens een speelmomentje op het strand dat Celientje nogal erg mankte. Ze hield haar rechter achterpootje ingetrokken als ze liep en ze liep ook moeizaam. Ze ging tijdens het wandelen ook veel liggen en had meer tijd nodig. We consulteerden de dierenarts en die gaf ons pijnstillers en ontstekingsremmers. Die leken de pijn even te verlichten, maar ze bleef manken en haar pootje intrekken. Daarom raadde de dierenarts aan om contact op te nemen met Anicura Dierenartsencentrum Malpertuus in Destelbergen bij Gent.
We zijn daar al eens geweest omdat in het voorjaar ons Cecieleke pijn leek te hebben aan haar pootje en omdat we nog wisten dat we daar heel goed geholpen werden besloten we om daar opnieuw een afspraak te maken. Daar namen ze foto’s van haar pootje en het verdict was een gescheurd kruisbandje. Operatie was noodzakelijk en omdat we ons lief hondje niet onnodig wilden laten pijn lijden hebben we besloten om deze te laten uitvoeren.

Donderdag dertien november reden we dus in alle vroegte naar Destelbergen om ons klein ‘Lientje’ in goede handen achter te laten. Ze werd aan een grote lijn gelegd en keek maar beteuterd toen ze ons zag weggaan en we ook haar zusje meenamen. Ook Cecieleke wist even niet waar ze het had.
Pas tegen de late middag konden we ons Celientje terug gaan ophalen. Het heenrijden in de ochtend en de terugrit verliepen dus tijdens de spits, en ja als je dicht bij je werk woont vergeet je wel eens hoe druk dat kan zijn. Stel je voor, langs de opritten naar Loppem, Aalter en nog andere plaatsen stonden de auto’s al op de pechstrook aan te schuiven. Waanzin gewoon.
Maar we zijn altijd veilig op onze bestemming geraakt met ons oude Citroën C1’tje. Klein, goedkoop maar het doet wat het moet doen, ons van Punt A naar Punt B brengen. En dat is wat er telt.
Toen we haar gingen ophalen had ze een kraag rond haar nekje. En die heeft ze tot nader order nog altijd om tot de dierenarts er zeker van is dat het wondje genezen is. Ze mag er gewoon niet aan likken, echt niet. Ook moet ze zoveel mogelijk rusten en mag ze niet teveel stappen. In huis wel, maar niet de hele tijd. Zodat alles mooi kan genezen.

Met haar kraagje aan onder haar favoriete tijdelijke plekje.
De Kerstboom.

Nu veertien dagen later loopt ze al stukken soepeler en ze trekt haar pootje al minder vaak in. We laten haar nog veel rusten en wandelen doen we met een buggy die we eens in zeven haasten kochten tijdens onze laatste vakantie in de Ardennen toen ze toen ook ineens leek te manken en we daar eveneens in allerijl op zoek moesten naar een dierenarts. Toen ging het manken na een poosje toch weer over en sindsdien stond die buggy in de kelder. Tot na de operatie dus. En nu loop ik regelmatig door Nieuwpoort met een hondenbuggy met daarin een Celientje met een kraag rond haar nekje. En dan vragen de mensen ‘wat is er gebeurd/wien es ’t er gebeurd té’? En dan moet ik het allemaal nog eens uitleggen. Maar het doet deugt als de mensen zeggen dat we toch zo goed zorgen voor ons hondje. Geen haar op mijn hoofd dat eraan denkt om het anders te doen ook. Het welzijn van mijn lievelingen gaat boven alles. En daar hoort ook mijn lieve schatje bij.

Het bovenstaande schreef ik gisteren. 
Intussen is het na de middag en is onze kleine Celine op controle geweest bij de dierenarts en de kraag mocht eraf. En blij dat ze was dat kleine schatje. Schudden met haar lijfje en overal rondkijken. En vandaag mocht ze gewoon meewandelen zonder buggy, maar voorlopig alleen nog kleine afstandjes. 
Nu ligt ze opnieuw onder de kerstboom, maar ditmaal zonder kraagje. Moeten we niet bang zijn dat ze bij elke beweging een paar kerstballen afrukt. Maar zelf is ze ook opgelucht nu ze weer kan eten, drinken, plassen en vooral rondsnuffelen waar en wanneer ze maar wil als we gaan wandelen.
Maar ook wij zijn opgelucht omdat haar herstel goed vordert. Ze moet wel een paar keer naar de fysio, maar dat nemen we er graag bij. Het welzijn van onze keesjes gaat boven alles.

Ja toch! 

Onze kleine hartendief zonder kraagje.